Goudsche Courant, vrijdag 26 november 1869

3 5 mtm 5fi ND jleurnrir ann het iiisterdara den de Ev Luth 1 Groningen het laudbouw lden uiteengezet moet worden onderwijs Un jin den land Ï joiiw onderricht rciigeu en einden hoogsten Invijs aan cene plkc de hoogevereenigen t Xed met zeker3 welonderriehte Iman genoemd mstige rijksurii wier oprichting J Doals men weet U tweede kamer e Nederlandsch i de maanilcn iihem in het indscho Rliijnst in Nederland jiooustelling van i vergunning verstaande zoo movoorwerperi aan I tentoonstelling Iht dd 24 Nov I H M van Loon van Lukerveld I Mannen is dezer lone ingezetenen i iering ten einde ilangB opgerichte gen hebben gisdo heer Mnllur t ij en de beide 11 wordt aangegelea tot vermiu oer van gisteren hen afgedaan Bij isüngeu is weder d it in l riesland onderwijs wordt p de hoofd vaart punt deelde de iderzoek annhan hct rijk over te op den bestaanden iiu iiile stalen i an jvcr het ontwerp 1 galand Art 6 iiien met 52 tegen der overige arli u enomen met 51 iting hebben de zet CU ten einde zijn aangenomen beheer en bestuurjwijksche verlaten 2 op hel beulie verlaat onder van de ooinmissie m Itijnland afgeü iain van do vcrgcbraclit voorden 1 i mceiisehappelijke I IJ de vervulling l iidc tuik z üüdat istelijli lin ft ge ii de verg uleriMg van icmlt i ip uiiisii in wn r Kil hei r S A VI toi don miirca lul do iHCcdt kamer Ie wciidcii om nader aan te dringen op de vcrhoo ing dor jaarwedden van den grinier en de anibtoiiarcn dor provinciale griffie Ue commissie adviseert lot aanneming van dit voorstel en stelt het ontwcrp adrcó voor Na eene korte duscussie znn die omwerpen aungcnomeu met 43 tegen 2 slemmen De najaarszitting is daarop in naam des koniugs door den heer commissaris in deze provincie gesloten Ovoraicht van t behandeldeTn de zittingoQ der Staten Qeaeraal 1869 1870 Redevoeringen van den hoer de Biuuw afgevaardigde voor Gouda in de zitting van Dinsdag den IG November Aan de orde was het amendement van den heer NiiiiisTiiAsz om op de Indische begrooting weder een post te brengen voor paeht der pandjeshuizen welke pacht bij koninklijk besluit was ingetrokken üe heer Fuansen v d Putte had gezegd Ik kom er rond voor uit dat de afsehaffing der pacht van de paiuijcshnizeu een lievelingsdenkbeeld van dezen minister schijnt te zijn waar ik niets tegen heb maar ook niet mede dweep maar ik geloof toch in iciler geval dat voor wie de vroeger gewisselde stukken en debatten onbevooroordeeld leest gelijk ik op nieuw gedaan heb de indruk moet zijn lat men bedoeld heeft dat de afschaffing der belasting op de puiuljcshuizcn niet bij de vorige begruoting maar het aans aandc jaar bij de nieuwe bogiooting zou plaats liel bcn Met het oog op die discussie was mijns inziens de minister gerechtigd mits met een nieuw dienstjaar beginnende die belasting af te schaffen te meer daar volgens zijne zienswijze zijne vcrantwourdolijkheid niet medebracht eeue dergelijke belasting langer te behouden Wat zal nu hol praktisch gevolg zijn van de aanneming van het amendement Naar mijn inzien afstemming van de begrooting van kulonieu anders niets want de kamer heeft verleden jaar als hel Ware tol deze afschaffing aan den minister van koloniën machtiging verleend Ik hoor daar zeggen mijnheer de voorzitter dat ik overdrijf Neen het is geen overdrijving Ik onderstel dat de minister met zijne zienswijze op het stuk van belastingen en van euuiptabiliteit het koninklijk besluit niet zou geprovoceerd hebben wanneer het debat niet had plaatsgehad Uaarom geloof ik aan het geachte lid uit Delft Niekstuasz den raad niet te moeten geven om van het standpunt waarop hij zich geplaatst heeft zijn amendement in te trekken Dit amendement spreekt tou i uit afkeuring van de daad van den minister niets meer of niets minder Waarop de heer de BB inv zcide Mijnheer de voorzitter de rede van deu ge ichten afgevaardigde uit Rotterdam Fn vNSKN v d l üTrK heeft de beraadslaging over deze belasting en naar iiiij voorkwam zuiver finantiele za ik op een politiek lerrcin gebracht Zij noopt niy daarom een woord in het midden te brengen De geachte spreker r iadt aan om het amendement niet ann te nemon omdat het vijHudig zoude zijn tegen dezen minister en dezen zou noodzaken om of de intrekking van een door hem geprovoceerd koninklijk besluit uit Ic lokken o don kou iig zijn ontslag aan te bieden Indien ik al geneigd ware geweest vóór het amendement te stemmen dan voorzeker zou de rede vaii den heer Fuanse v b Putte mij nopen dit niet te doen indien zijne beschouwingen juist waren Want ik stel er prijs op dat deze minister alsnog aan het roer blijve omdi t de Indische zaken door hem behiindeld worden met bedaardheid en overleg en nicl inoi onbesnisdheid en zonder doordenken gelijk mij voorkomt wel eens geschied te zijn en waaraan misschien wel Ie wijten zijn de omstandigheden waarin Indie legeuwcordig verkeert Ik spreek over het recht niet Het is dunkt mij volkomen uitgemaakt dat de koning de bevoegdheid bezit om bij besluit eene belasting af te schallen Maar een ander gezegde van den geachten afgevnarilii de uit Rotterdam noopt mij ook oen woord in het midden te brengen De iudruk van de discussie in het voorleden jaar is bij hem geweest gelijk hij bij den minister was dal de kamer het gevoelen zou hebben uitgedrukt dat de belasting op de pandjeshuizci niet in dat maar m het volgend jaar zou worden afgeschaft cu dat dienvolgens kamer en minister het over het beginsel zelf eens waren Ik heb de discussie ook nog eens gelezen en mijn indruk is geweest dat munuye Men dit govooleii wel hebben te kennen gegeven maar dat l i iroinlicut hoegenaamd ffeeii btulmt vait de tamer is inriilliU 1 l l is ilikHijU eene fout bij de leden en ook wol bi do iiiiiii iors dat hetgeen in het voorloopig voi l o laat niijroilrukt als het gevoelen van mmMi iv n r r ia ni ne f nkn of door hel woordje iiu ii worill beschouwd aU hel gevoelen van r e Aaww Het gebeurt dikwijls ook dat hetgeen eeit lid in de discussie als ijn ijcvüden heeft geuit wordt overgebracht op dii kamer Uit uu is geeue juiste conclusie De minister heeft nu door zijne beslrijdiir van het amendement deze positie aangenomen d it hij ter goeder trouw mcenendc dat de wulijemute iae l althans Aaticmk kamer ik doe in t voorbijgaan opmerken dat de ticeeJe kamer de mti evende maclit nicl is want er is nog een eirate kamer goedkeurde de afschaffing der bclasliug op de pandjeshuizen in het volgende jaar een besluit daartoe strekkende aan den koning heeft voorgedragen Ilij meende dus ter goeder trouK want anders zou hij het niet hebben gedaan in overeenstemming te handelen met de tcetgevende macht ten minste met de tweede kamer Maar hoe kon hij dit meenen want er is niet eens gebleken in deze van het gevoelen der tweede kamer laat staan van de wetgevende macht Wil men zoo kunnen spreken dan moet men zich kunnen gronden op een beüuit althans van de kamer en niet opeen oordeel door sommige leden der kamer geuit Ei is toch over de zaak hier geen discussie ad hoc geweest en veel minder een besluit gevallen Dit alles klemt te sterker omdat er nieuwe verkieiingen ophanden waren Wij hebben nu eene andere kamer ilan in het vorige jaar Ik ken geene besluiten van de wetgevende macht die eene volgende of zelfs dezelfde kamer zouden kunnen binden Het standpunt vau den minister is niet aannemelijk evenmin als dat van don geachten afgevaardigde uit Rotterdam en mij dunkt als zij daarover nadenken zullen ze tot dezelfde conclusie moeten komen Nu is er maar een motief dat mij zou kunnen leiden om het araeudoment van den geachten afgevaardigde uit Delft aan te nemen Ik vr iag handelt gij goed hoe genegen overigens om belastingen die gij als verkeerd beschouwt af Ie sefialfeii dit te doen op een oogenbllk dat uwc finantiele middelen hier en in Indie niet zijn in een bloeienden toestand Handelt gij goed om in de tegenwoordige finanliele om landighcden eene belasting af te seaaffen zonder eenig aequivaleiit Moeien wij dat beginsel goedkeuren vraag ik met den heer Hki msKr iiK Az Mijnheer de voorzitter ik zou alleen voor het araondement stemmen om den minister te kennen te geven daarin hebt gij niet goed gehandeld Ik zal afwachten wat de miuister daaromtrent in het midden zal brengen Ik zon ga irne vvensehon en die wenseh wordt ook in het voorluo ig versLig uitgedrukt ma ir is in de memorie van beantwoording niet beantwoord ik zou gaarne wcnsclien dal do minister daarop een antwoord wilde geven De rest sclienk ik hem maar dit vind ik van eenig bel Mig De heer Fii vNSBN v D Tijtte Mijnheer de voiirzitlor ik zul mij onthouden van jualificatien van uuhemisdheij en ondoordachtfieid ijualilicalien door den heer UE BiUL w geuit waar reohl noch reden loc was in deze discussie Ik zal zaohiervan toon zijn en alleen zeggen niet wetende of het ondoordacht is het is z k r dal ik door hem sleeht verslaan en slecht begrepen bon Welke qu iestic trad op den voorgrond naat aanleiding vau de redevoeringen van den heer HeemsKEUK en andere geachte afgevaardigden Geen politieke qnaestie maar eene quffislie oinlrent de uitvoering van do oomplabiliteitawet Hel laatst van allen daehl ik er aan om daarvan eene politieke quiEstie te maken Wat was de korte zin van inijno uitlegging omtrent do lüopassing van i e eomptabilileilswet waarnaar Ie heer Heemskeuk gevraagd heeft De minister zal zich in den regel onthouden een koninklijk besluit omtrent afschaffing cener beListiiig Ie provoceren alvorens de wet op de middelen door de kamer is goedgekeurd Doet de minisler dat of stelt hij zich voor eon dergelijk besluit verantwoonlelijk dan staat liij er voor en dan is het aftreden van den minister na een afkeurend votum van de kamer niet twijfelachtig Waaraan nu de uitval van den heer ue Bii vinv te danken of waaraan die Ie wijlen is begrijp ik op het oogenblik nog niet Wat nu mijn gevoelen betreft over den geest van de k iraer in hel voriije jaar zoo ontleen ik dal noch aan het voorloopig verslag noch aan do redevoeringen van loden maar aan de oorden door den minisler gesproken oij de overnemiiig van het ainendemeiil woorden die zonder tegenspraak zijn gebleven De minister zeide naar aanleiding hiervan Na den loop dien do di ous ie neiimiion hooft geluiif ik de iiiP3lie van licvuegdhoiil g heel ter zijdo te mogen l itoii en wat de groote lll lio voor mij betrefl of ik aanleiding liail mn hot er voor te houdiii dal do kamer vcrieiloii j iar mot mijn denkbeeld instemde dal ileze p iolit moest worden afgeschaft hooft de heer l ii ssi N iii I itte juist aangevoerd wal ik wensehte Ie zo oii Uit de toejuiching in het voorloopig verslag uit de afkeuring van het middel zelf door den voorsteller van het amendement uit de bijvoeging door een zeer ge iclit lid gislcren voorgelezen en uit het volkomen zwijgen van de kamer Oj mijne gomoliveerde overncining vau hel amendement heb ik niet anders kunnen alleidon dan dal de kamer het met mij eena was en tot mij zeidc ga uw gang Nu weet ik wel dat dit gelijk werd opgemerkt nog niet eene uitspraak van de wetgevende macht is Meu verwart te dikwijls eeue der kamers met de wetgevende macht liet best bespeurt dit een minister die nu eens in de eene dan weder in de andere kamer slaat Maar het was myne positie jegens fc kamer waarover dat geschil liep Want hel amendement kwam dan toch uit deze kamer en niet van de wetgevende macht Eu daarom zeide ik en zeg ik op nieuw dat de beschuldiging die in het tegenwoordig amendement ligt onrechtvaardig is Ten slotte het finanlicel motief peen afschaffing van belastingen in Indie zonder equivalent Ik neem de vrijheid op te merken dat het aan een tequivaleiit niet ontbroken heeft want de landrente is aanmerkelijk verhoogd Afgescheiden daarvan wanneer er nog zoovele millioenen boven de Indische uitgaven overblijven moei dan zelfs waar de overtuiging bestaat dat een zeker middel van inkomst benedon de waardigheid eener regeering is het zijn de woorden van den heer van Nisl EN VAX Sevenaeu een qnivalent gevergd worden eer men zulk eene belasting opheft De heer v o EcK hoeft gezegd Nederland en Indie zijn een Uil het oogpunt der eenheid van Nederland en Indie vr iag ik of wij dan ge amenlijk niet moeien wonschen dat bclaslingen waarvan dit gezegd kan worden terstond worden opgeheven Of het voor beiden niet ten veri erve zal Uiden indien men aanneemt dat zulke b dastingen zoo lang mogelijk moeten blijven beslaan teu einde eerst naar een lEquivalent te kunnen zoeken Later zeide de heer de Bkauw nog Mijnheer de voorzitler ik enscheen enkel woord ie spreken naar aauleiding van hetgeen door den geachten afgevaardigde uit Rotterdam is gezegd over door mij gebezigde uitdrukkingen Ik heb gezegd dal de Indische zaken wel eens onbesuisd en ondoordacht behandeld zijn De geachte spreker heefl gemeend zieli die woorden Ie moeien aantrekken Ik heb niemand genoemd wanneer de geachte spreker zicdi die woorden dus aiintrekt blijll dit voor zijne rekening Indien zij hem echter hinderen wil ik ze gaarne terugnemen en andere woorden in de plaals stellen want ik heb in de verne verte nicm uid viillen stoolen Hij gelieve het dus te beschouwen alsof ik gezegd had dat de zaken in Indie vroeger wel eens behandeld werden rael eeiiige drijt en met te veel ijver drijt in hetgeen hij die liandehlo nioeiide Ic moeten duen te veel ijver voor hetgeen hij meende goed te zijn Wat de quiEstie belieft v m overeenstemming met de wetgevende m ichi omlrent dil punt blijf ik bij mijn gevoelen dat bij elke qnicstic van afschaffing van oenige belasting mijns inziens dit eerst aan de wcigevende macht ter goedkeuring dient onderworpen te ivorden want anders zou gebeuren wat de geachte spreker uit Nijmei on gezegd heeft dat een stonlmocdig minister nog el andere veel belangrijker belastingen zon kunnen afschaffen Wat beteekont d m de vaststelling der begrooiing of van de raming van de middelen bij de wel Nu il ik den minisier gaarne toegeven dut hij in de meeniiiï verkoord heeft dal hij tegenover de kamer in de positie stond dat hij meende wel Ie kunnen doen vat hij gedaan heeft Ik neem het den minister dan ook niet euvel Maar ik zou in twijfel durven trekken of op dengene die zwijgt nadat de minister gesproken heeft de regel kan toegepast wordeu qui tacel coiiseiitire videlur Allhans indien ik heb gezwegen was hel niet dewijl ik het roei den ni nistor toen reeds eens was maar omdal ik iioeiide dat de zaak nader ter sprake zou komen en ik dan de gelegenheid zou litbben om lia ir met den minister des nuods en des gewenscht van mijne zijile ie behandelen Wat hol ainendoinent en het lequivalent betreft geloof ik niet dat de minister dil in ernst kan vinden in de verhoogde raidiig van de landrente en Ie door hem gu iuwnh overblijvende millioenen Indien dus de hoer SlElisTliASZ zijn amendement met inlrekt zal ik di irv sir ninen maar alloen als protest togen do Isoiufliiig nidcr iCiUivaleiit Kindelijk horiiiiieiou IJ no d t het amendeinent om do paolil lor p Ij Mho zon oiorom m te voeren word m mv o mr a io om l s stommen vuur liohlion ioslonid no liri ii II hI Mvn di CahEMuiioni Kii N VVS i ii iH r uuu Bl l lUU