Goudsche Courant, zondag 19 december 1869

aan het meer uitgebreid lager onderti gs raet 31 tegen 3 stemmen verworpen Daarna is even eer lerivorpcn een vooistel van den heer A Bceloo tot oprichting eener hoogere burgerschool voor meisjes met driejarigen cursus en eindelijk is mei 24 tegen iü stemmen het voorstel van burgemeester en wethouders verworpen tot oprichting eener school voor dat onderwijs met vijfjarigen cursus Door de rechtbank te Rotterdam is tot eenegevangenisstraf van vier maanden veroordeeld ecu ersoon welke alhier uit een winkel een koffiemolen eeft weggenomen Sedert eenigen lijd uit de gevangenis ontslagen alwaar hij eene straf van een jaar had ondergaan was het den beklaagde niet mogen gelukken werk te bekomen en hoeft hij bovenstaand feit bedreven om voor de opbrengst v in het gestelene voedsel te koopen Eene alhier wonende uitdraagster welke van een soldaat een militair mouwvest heeft gekocht voor 40 cents is tot eene geldboete van ƒ 10 veroordeeld Het Vanaïdenmt der ïlnanciin Waren deforten die na 1813 gabouwd ïijn voor Kopenhagen ill 1807 er geweest dan zou de Deensche vlootniet door de Engelscheu genomen y ijn Thans moeten die forten uitgebreid worden en de Deenscheminister van oorlog vraagt daarvoor bijna 3 00ü 0UÜ En wanneer er nieuwe uitvindingen komen danzullen de forten nog eens uitgebreid moeten worden Zoo gaat het in Denemarken en zoo gaat hetook in andere landen Nu bouwt men voor millioenen monitors die over enkele jaren misschienallen onbruikbaar zullen bevonden worden De vrees voor oorlog kuipt een Danaïdenvat waarin millioenen telkens en telkens verdwijuen Jmst Volksbl Overzicht van t behandelde in de zittingen der Staten Generaal 1869 1870 Staatsbegrooting voor 1870 De discussie over den stationsweg alhier door den heer Beokam uitgelokt vermelden we nn volledig De heer Bfx b M Mijnheer de voorzitter over eene zaak van groot en algemeen belang wensch ik eenige woorden in het midden te brengen Er zijn klachten gerezen over den onvoldoenden toestand van de werken die te Gouda door do rhijnspoorwegmaatschappij zijn aangelegd Er is aldaar een groot slation gebouwd op eenen afstand van eenige honderde ell n verwijderd van li ii openbaren weg crt van het oude slation Het r leuwe is ccii paar maanden of langer geleden in gebruik gesteld en het oude afgebroken maar de destijds mede aangelegde weg naar het nieuwe station bestaande bgna geheel uit lossen veengrond is niet begrind of bestraal en ook niet verlicht die toejiaiisweg bevindt zich alzoo voor het verkeer naar en van het station in een allerongelukkigsten toestand zelfs zoo dat menschenlevcns daardoor in gevaar kunnen komen Niet alleen dat die toegangsweg alzoo liij dag veelal ongeschikt is om bereden en bcloopen te worden maar daar de verlichting geheel en al unibroekt is het gebruik des avonds niet alleen soms gevaarlijk maar dikwijls ook onmogelgk Nu is over het blruikbaar maken en verlichten van den weg welke aanvangt bij het afsluitingshek aan de openbare siraat een gerchil ontstaan lusschen de rhijnspoorwegmaatschappij en het bestuur van de gemeente Gouda een gevolg daarvan is dal de toegangsweg in denzelfden ongelukkigen en niet verlichten staat blgft verkeeren Indien ik wel onderricht ben is ook tiians het geschil nog niet beslist Een dergroole dagbl iden in ZuidHolland uitkomende bevat in het nommer van heden een arikel waarbij hevige klachten over den toestand van dien weg worden geuit Ik wensch nu aan de regcering te vragen of zy geen aanleiding vindt hier tusschenbeide te komen Men vergde toch niet dat de spoorwegen in ons land het monopolie van vervoer van reizigers hebben en dat sedert de spoorwegen bestaan de meeste andere middelen van vervoer hebben opgehouden en dat er iiu ook te meer aanleiding bestaat om te waken dat het publiek gewaarborgd zy dal het veilig van dat bijna eenig middel van verroer gebruik kan maken Ik wensch dus aan de regocring te vragen of zij genoegzaam gewapend is om hetzij door middel eener wet hetzij op eene andere wijze krachtig te kunnen handelen om een einde aan dien ongelukkigen toestand Ie Gouda te maken De minister antwoordde De heer Begbam heeft gewezen op den slechten toestand van den loegangs eg tot het slatiuii lu Gouda en verzocht da repeering daarin Ie vooriicn De rcgecring hoeft de rhijnspoor cg maalschappij aangeschreven dien eg in orde te brengen Aanvankelijk buod die maatschappij aan een zeker aandeel in de koMen ic dragen later is daarin verandering gekoinei en im is men ver gevorderd dat zij een steenen weg van i el breedte wil laten aanleggen Daarvan is aan het gemeentebestuur van iouda kennis gegeven Omtrent de verlichting zijn wij het nog niet eens De heer JJegham Ik zeg den minister dank voor zijn antwojrd Indien ik den minister goed verstaan heb dan bestaat er uitzicht dat de zaak geschikt zai worden en dat de rbijnspoorweg op zich zal nemen den w g te bestraten maar dat nog niets beslist is omtrent de verlichting Het is geen gering bezwaar dat men te Gouda des avonds op den toegangsweg naar het spoorwegstation in den donker moet rondloopcn Ik cierk echter op dat de minister op mijne vraag niet volledig geantwoord heeft Het zou mij aangcLiiam zijn daarop nog een antwoord te mogen ontvangen Het publiek belang eischt dat in geschillen als te Gouda hebben plaats gehad de regeering kan tusschenbeide komen Nu is mijne vraag deze IIi efL de regeering de macht om tusschenbeide te komen Indien zy die macht niet heeft is zij ove tuigd van de noodzakelijkheid die macht Ie verkrijgen en zoo ja is zij genegen een voorstel iu te dieneü om in het bezi t van die macht te gtraken Of op welke wijze de regeering voornemens is in deze te behandelen De minister de heer Besram komt nogmaals terug op eene v aag die ik niet noodig achtte te beantwoorden Vïat is het geval by de daarstelling der staatsspoorwegea De staal maakt den toegangsweg en zorgt vour lanlaarils Zoodra zoodanige weg gemaakt is worilt hij aan de gemeente overgegeven en deze zorgt la i yöor onderhoud en voor de verlichling Nu eisrht e Gouda wel degelijk en het belang der geraeenlc ei van den Khijiispoorweg dat die weg in goeden ocstand en behoorlyk ïcrlicht zij Het geldt hier een exceptlolieel geval daar de grond waarover de weg loopt niet geheel aan de gemeente behooit en van duar het bezwaar Mocht het nu niet mogelijk zijn hèt bestaande verschil neg te ruimen dan zal in overweging wo den genomen in hoeverre een wet noodig mocht zijn Bij het ïerleeiien van ooneessien waren wellicht bepalingen te maken waardoor zich zulke bezwaren niet meer zouden voordoen B j gelegenheid van de algetoeene beraadslagingover het OiiderKya werd door den heer Hoffman het volgende geiegd VVij kebben hier eens ver nomen Mijnli eer de Vnorz t r dat Nederlind voor s liberaal is in goeiien jzinr versta ik daardoordie gezindheid die aan aUm gelijkheid van rechtgunt De toepassing van die gezindheid blijkt uitdeze afdeeling der begrooling niet De ministervan fiuantien heeft b j de begroeting der hervormdeeeredienst wel verklaard de lafscheiding van kerken laat intdig te enschen doch van dien erns u m Keimch verwacht ik even weinig vrucht alsWIJ van den erndigen wil van den minister vanbinuenlandsche zaken in een vndere aangelegenheidhebben ondervonden Alle andere kerkgenootschaptpen zijn vrij in het oadentijs van hunne voorgangers alleen het hervormde niet en moet zich ttulang de besluiten en reglementen van 1815 1816 enz niet worden igelrokken blijven onderwerpen aan die opleiding iloor van gouvernemenlswege hun opgedrongen docenten en aan reglementen van een collegie naar zijl e handelingen te oordeeleri meer geneigd lot onderdrukking dan tot bescherming dit genootschap is dus inderdaad het eenige in plaats van beschermde onderdrukte de klachten daarover zijn dnn ook algemeen alleen deze regeertiig schijnt daarvoor iluüf en maakt zich aan dien druk medeplichtig Ik verhing geen heerschende kerk weer maar ik verlang vrijheid en dus ook voor mijn kerkgenootsch ip eerhjke toepassing van art 165 der GromlHel Ik heb meermalen die klacht hier aangeheven doch tot nog toe zonder vrucht en zoo lang die afscheiding van kerk en staat niet zal tot stand komen zal die toestand wel voortduren dat die klachten der Hervormden daarmede in nauw verband staan spreekt van zelf en t heeft mij leed gedaan de er dagen van een geacht afgevaardigde uit Kotterdam lid van een geheel vrij kerkgemoUcliap die klacht niet te zien ondersteunen aia ir zelfs een voorstel te zien doen om ile discussie daarover van deze zijde Ic smoren Ook de jlemming over de begrooling der Hervormde ICcredie ist gaf weinig bljjk van ond ersteuning onzer weiisclcu Éeiie bijzoinlerheid heeft mij een oogenblik de hoop lU en koesteren dat lie af clieiding op hel punt as zijn brslag te krijitcii het w i n imelijk dc eii umer dat ile Uoiinie der Waal iclie kerken in de lesulenlic zuu vcrg i U ren en aU reden waarom die Inji i iikiiinst door welvvillendliiMil vaii de regceiing iJLv rr stall op liet r iiiilliui3 pi lals liail eni ver i Keiil dat de minister van tiuancien do laiivraag van een rijkblocaal d iartoe had geweigi rd als inconipalibi met de afscheiding van kerk cii staat Ik ben dus niet weinig leleurgesleld in de e begrooting op de Vilde afdeeling ündertrijx ai wederom de jaarwedde te vinden van hoogleeraren in de godgeleerde faculteit dat is volgens het besluit van 2 Augustus 1815 lilde hoofdstuk Hoogescholen titel 1 art 66 uitsluitend tot vorming der ktceekelingen voor de Hervormde godadietut Ik zeg uitsluiteud omdat volgens art 58 en 59 van dalzelfde besluit aan de behoefte van het hooger onderwijs in de Roomach katkoUjke Luthersche Doopagelinde en Remonatraaiache gezindheden door het subsidieren hunner seminaria zou worden voldaan Ik vraag mijnheer de voorzitter is dit te rijmen met gelijke bescherming met eerlyke toepassing dur grondwet De onderdrukking der NederduitsehHervormde kerk door niet intrekking van art 56 van t besluit van 2 Augustus 1815 op de organisatie van t hooger ondcrwgs en onder meerder van art 9 en 21 en volgende te lung om hier te verteelden van het algemeen reglement voor t oest uur der Hervormde kerk blyft in strijd met grondwet recht en billijkheid voortduren en wordt bij deze voordracht bestendigd Ik meen recht te hebben te eischen dat die toestand ophoude en aan die kerk dezelfde voorrechten worde toegekend als aan alle andere godsdienstige gezindheden in art 58 en 59 in 1815 is verzekerd Over de uesluilen en reglementen van 1816 in t Officieel Staalablad niet opgenomen zal ik kort heidshalve niet verder uitweiden en alleen verklaren ook daarom legen dit hoofdstuk te zullen stemmen Laats te Berichten Florence 17 Dec Bij de opening van den miiiisierraaU is een aanvang gemaakt met de discussie over het al dan niet handhaven van de doodstraf in het uiemve wetboek De hertog van Genua is te Turin aangekomen Madrid 17 Dec In de Cortes is besloten de iltingen van af den 20 December e k tot den 2 Januari des volgende jaars te schorsen Aan de commissie belast roet de keuze van een koning ontbreken 7 leden Hunne plaatsen zullen door nndien vervuld worden Rome 17 Dec Het bericht als zon dcFransche gezant Ie Home de heer Bauueville van zijn gouvernement eene nota hebben ontvangen waarin gezegd werd dat de Fransche regeering van mecniiig was dat t zeer ontijdig was dat het vraagstuk betreffende de onfeilbaarheidsv klariug des pausen aan de orde werd gesteld en FranKrijk van zijn verplichtingen zou ontslaan dien slaat krachtens hel concordaat opgelegd wordt dour scmmigen verklaard als van grond II zijn ontbloot ndereu daaientcpen verdedigen het bericht Kardinaal Mathieu is naar Frankrijk vartrokken Parijs 17 Deo Het officieele orgaan maakt een liesluit des keizers bekend waarbij de heer Bicheraont benoemd woriH tul senator Hetzelfie blad deelt een keizerlijk besluit mede waarbij de kiezers in de Vendee tegen 9 Jcnuari opgeroepen worden lot verkiezing van een nieuwen afgevaardigde Men verzekert dat de minister nu binuenlandsche zaken zich aldaar candidaat zal stelleri Parijs 17 Dec In het wetgevend lichaam had eene levendige discussie plaats naar aanleiding 7an het voorlezen van het proces verbaal der vorige zitting Aan deze discussie hebben deelgenomen de heeren Burin Desrogiers Crcmieux Dugud en anderen zij liep hoofdzakelyk over het afzetten van rechterlijke ambtenaren in 1848 De heer Orémieux destijds minister van justitie verdedigde zich hiertegen De heer Pinard las daarna een besluit van het voorloopig b stuur van dat jaar voor waarin verklaard wordt dat de onafzetbaarheid van rechterlijke ambtenaren onvereeuigbnar is met de republiek Caïro 16 Dec Lord Clarendon heeft den heer de Lesseps uit naam der Engelsche regcering met het werk der donrgrnving van de landengte van Suez üelukt gevvenscht De heer de Leaseps hteft dit feit ter kcnais van den keizer der Fraasohc gebracht de laatste heeft daarop aan den heer de Lesseps hel volgende geantwoord deze gelukwensehing van de ijugelsche regcering verheugt mij in de hoogste mate Immers zie ik daarin het t ew js dat men aan uwe pogingen die met zulk chitlereDd succes bekroond zijn alle recht laat wedervaren Genieii dc Ikriclileii Dim 1 lic hoeft to Siuyr u cu iii ilco uralrek ecuc hevige iimillii vilij plniit gehuil lit lierociuilc ijiiIiit lui Xuiigciit iu liuurgogue ii voer hijllil i UIllllüi U fi ll lkoi lll I e Kigniu 111 Miiiililumi iii iiltlini ij li hlorl ilni eUH hïiuUhmuK Kuil i l 1 I i lli fri Il lijk onlvuTigBii De küii up mi Itulii hriii uu ihu hirlO vim Gtiiua v tioiUu ili iiiuiiticlic kiuuu iiiiu IC ucmiu