Goudsche Courant, zondag 13 juli 1879

Tan Dantzig de Tergadering niet Termoeieij boetrel hij toch tamelgk bug geaproken heeft spr dat CTcnmin wil en nog korter zal zijn 8pr wijst er daarom alleen nog maar op dat de heer Tan Iterson waar hij zeide dat bet water bier zoo slecht niet wa bedoelde in vergelijking met lommige andere plaatsen Hij noemde het niet absoluut goed maar slechts vergelykenderwijze Dit moet niet uit het oog worden verloren Daarop Tcrdedigt de heer W G van Geelen de candidatnur van den heer P Tan Essen door hem ook in de vorige vergadering gesteld spr bepaalt zich naar eene verwgziug van hetgeen bij toen gezegd beeft Toen daarop de Voorzitter hem vroeg of hij niet iets naders weet aan te voeren omtrent de denkwijze van den beer van Essen op sommige belangrijke punten zeide de beer Tan Geelen dat niet te kunnen daar bij den beer Tan Essen er niet 9Ter gesproken bad Daarop nam de Voorzitter bet woord tot bespreking der door hem genoemde oandidatuur Tan den beer Post Drost Spr zeide straks dien heer te tellen door dm loop dien de naak gemmen had Spr gelooft toch dat het op den weg Kgt der Ooudiche kieivereeniging om de raadalcden als z j tnn de beurt Tadi altreding zgn te bespreken huniie handelingen al Oraads lid te beoordeelen hunne tekortkomingen in Thet licht te stellen en ah er ielere permnen te bidden ign ta door deze te TerTangen Spr herhi alt ols er personen te Tinden zijn waarvan men wpjet dat zij Mter zijn dan de aftredende want om prioeVeD te nemen met personen waarTan men dnt n e t weel is zeker niet de taak eener kiesTereemging Spr dweqit niet met den heer Post Dr st als raadslid en als bier namen genoemd wa eq geWorden waarvan spr overtuigd was dat zij Juuttiger zouden geweest zijn in den raad dan zou hij daaraan zijn volla ad aesie hebben Terleend nfaar uu dat niet bet geTal is wil hij den heer Post Droat herkiezen Taik hen weet spr althai dit dat hy TÓór eene waterleiding is dal hg t Toorslander van goed onderwijs rn dat hij onafbankelyk moet genoemd worden wal zijn positie betreft Spr vraagt wat staat ons anders te doen dan hem van wien wij dit weten in de bestaande omstandigheocn te herkiezen De heer M van Dantzig vraagt den hctr Tan Geelen of het hem ook bekend is of de heer tob Essen eene eventueele oandidatuur zou aanvaarden waarop de heer van Geelen antwoordt dat hij dit niet ueet De heer van Dantzig is dau van oordeel dat het un wg al het un den vooravond der verkiezingen staan zeer onToorzichtig zou zijn na de treurige onderTinding die wij opdeden dat gekozen candidaten bedankten iemand candidaat te stellen die wellicht niet in aanmerking wil komen Dit weten wg althans Tan den heer Post Drost dat hij eene caudidatuur zal aannemen door hem als candidaat te stellen komen wg althans niet met te weinig personen op het appèl en daarom moet rolgeus spr de beer Post Drost thans door de Ooudicht Kieivereeniging worden candidaat gesteld Daarop wordt tot de stemming OTergegaan Uitgebracht werden 18 stemmen Daarvan vereenigden op zich de hh W Post Drost 9 P van Essen 4 en dr F H G van Iterson ö stemmen De heer W POST DROST was alzoo tot candidaat verkozen De Tergadering wordt daarop door den Toorzitter gesloten Aon het bureau Ton politie is als gevonden gedeponeerd Een pak vrou en en kinder kleederen dat ui de Turfsingelgracht is opgevischt alsmede een parapluic die gepasseerden Donderdag aan een uitstalling op de Markt is bigven staan Schnttcrsraad te Gouda Bij beslissing van Gedeputeerde Staten dezer provincie van 30 iuni 5 Juli jl rechtsprekende in booger beroep is het vonnis van den Raud gewezen contra W A B sergeant majoor vernietigd en den beklaagde van alle rechtsvervolging ontslagen omdat slechts één getuige de aanklager een luitenant heeft verklaard dat de beklaagde ongepaste uitdrukkingen tegen zyn meerdere zon hebben gebezigd en mitsdien dit feit rechtens niet is bewezen en dnt van het verdere gedrag van den beklaagde niet anders is bewezen dan dat hy aan den hem door den luitenant gegeven last niet onmiddelyk heeft voldaan maar eerst na redenen te hebben gegeven welke zyns inziens het achterblyven van hem beklaagde rechtvaardigen konden welk feil niet geacht kan worden gedrag tegen de ondergeschiktheid daar te stellen Bij vonnis van den Raad dd 8 Juli is veroordeeld M G schutter l wegens pliohtvi rzuira i wegens I nine der leden gebracht Be heer ran Uierop tooh had gemeend de oandidatuur niet te mogen aanvaarden daar zijne huiselyice omstandigheden van dien nard waren dat meerdere drnkteu hem ongelegen zonden komen Daarop werd de gelegenheid opengesteld tot het noemen ran oandidateu Genoemd werden de hh Dr ï H O vaa Iterao door F N Maas jr en P w JEue door W G Tan Geelen De heer P J Tan der Want Az zeide bij een vroegere gelegenheid wel eens e hebben bijgewoond dat het Bestuur oandidateu noemde hy zou het wenaohelyk achten dat dit ook thans plaats had hetgeen de Voorzitter doet opmerken dat het Bestuur bg enkele personen geweest was die naar zijne meeniug voorde belrekking van raadslid geschikt waren om hungevoelen te vernemen orcr een evenlueele candidatudr doch hunne pogingen wareu met geen guostigeu uitslag bekroond Het bestuur achtte trouneushet meest wenscbelijk dat van de zijde der leden andidftton genoemd werden Toen verder door geen der leden eenigc naam gevoegd verd bg de reeds geuoenlde ook na herhaaldelijk iaartoe door den voorzitter te ziju ultgeuoodigil uotmde de keer de Keijzer den heer f Poü Droit met de bgvoegiug dat hg dit deed om den loop dien de zaak geuoinen had Dr canuidalenlgst werd daarop gesloteu en het woord gegeven nau den hier F N Maas jr tot het verdedigen van de caudidatuur van den heer vju Iterson De heer Maas zeide daarop ongeveer het volgende M de Voorzitter ik bevind mij iu eene niet benijdenswaardige positie op de vorige vergadering toch £ gn door mg als caudidaten geuoemd de heereu Post Drost en van der Meuleu terwijl ik de caudidatuur van Dr van Iterson heb verdedigd toen die werd aaugevaUen Thans beu ik verplicht uit die drie personen een keuze te doen daur slechts één candidaat moet worden gesteld Na rijp beraad heb ik mgne keuze bepaald tot Dr van Iterson en vtA ora de volgende redenen Wat de heer Post Drost aangaat ik neem niets terug van het goede dat ik iu de vorige vergadering van hem heb gemeend te moeten zeggen maar de vergadering scheen zóó af keerig te ziju van zijne audidatuiir dat zy zouder eeiiige beslrijdiug gevallen is terwgl hg teu slotte bij de stemming slechts 3 at verkreeg een bewgs dat hij ook thans alzoo weinig kans van slagen zou hebben W it de heer van der Menlen aangaat deze zou te rekenen naar het aantal op hem uitgebrachte stemman de meeste kans van lagen moeten hebben doch van deze is het twijfelachtig of hg de caudidatuur zou aanvaarden De hoofdreden echter dat ik den heer van Iterson uit het drietal koos is dat een gevoel van recht mij daartoe dringt Het komt rag nl voor dat in de vorige vergadering over de candidotuur van den heer van Iterson wel wat vluchtig is heengiloopen tenge volge waarvan verscheidene onzer oen verkeerden indruk van hem kregen Ik heb toen vcrnomeu van een der leden dezer vergadering dat de heer van Iterson Ignrecht tegenover den heer Luijten stond wat betreft eene waterleiding zelfs is men zoo ver gegaan van te zeggen dat hij het water alhier goed Tond Het kwam mg reeds dadelijk vreemd voor dat de beer van Iterson een zoodanig gevoelen kou ziju toegedaan waarom ik dan ook eens ben gaan fnuffelen iu de Verslagen van den ïemeeuteraad en toen is mij gebleken vooreerst dat de heer van Iterson nog geen lid van den raad was toen de voorloopige concessie verleend werd en voorts dat uit hetgeen hg heeft gesproken en de wijze waarop hij heeft gestemd bg de behandeling der voorwaarden hy eene eenigszins andere opinie is toegedaan dan Of de vorige vergadering dezer vereenigiug werd medegedeeid Op de raadsvei gadering van 28 Mei 1878 werd allereerst in stemming gebracht een voorstel of het uitgemaakt zou worden of het water kosteloos of tegen betaling aan de minvermogenden zou worden gegeven Dit werd verworpen slechts i stemmen waren er voor Ouder hen die tegen stemden behoorde de heer van Iterson zoo goed als de hh Luijten Kranenburg Muller Straver en Oudijk Hier blykt du niets van een zekere oppositie van den hper van Iterson In diezelfde zitting deed de heer Samsom een voorstel om het water uit de slandpypen te verkoopen tegen 1 cent de 30 liter De heer van Iterson eerst voor dat Toontel wyzigde den prgs op raad van Dr Lugten en stelde toen voor verkoop tegen 1 cent de 15 liter Met welk gevolg Dat het werd wrwo ye i met groote meerderheid slechts twee heeren stemden voor de heer van Iterson was iu de minderheid met den heer Droogleever den man die hier vóór een tweetal jaren met atgemetne stemmen is Kandidaat gesteld Het genoemde voorstel van den heer Samsom werd insgelijks eermrpen de heer van Iterson stemde vóór met de hh Slraver Sam om van Straaten en Droogleever Het voorstel van den heer Kranenburg om het getal tandpyfen onbepaald te laten in de wijken der minTermogcnden werd toen aangenomen vóór stfmden o a de hh Kranenburg Muller Straver Samsom en van ItersonJ Ëu zoo gaat het Toort nergens kan ik in dd discussieu eeuige stelaelmiflige oppositie vinden van den lieer van Iterson in zake de waterleidiugl In den tijd trouwens dnl de heer van Iterson in den raad zitting had is nooit de vraag behandeld of er al dan niet eene waterleiding zou komeu dat was reeds vroeger beslist maar alleen op welke voorwaarden de concessie zou worden verleend Iu de vorige vergadering werd ook beweerd dat de heer van Iterson zou gezegt hebben dat het water in deze gemeente goed is iDe heeren zullen zich zelf van het tegendeel kunnen overtuigen als ik hen de woorden van den heer van Iterson voorlees volgens het verslag iu bedoelde zitting gesproken Hg zeide Hoogst weuschelgk wordt het door mij geacht dut wij ide noodigc waarbo gen hebben dat het water zoo fioed is als eenigszins Inpgelijk is waarom door lulj dan ook een proef lAoodig wordt gekeurd opdAt wg kuunen ailderz feïen of het aan billgk gestelde eischen voldoet W t zal anders het water uit de vaterleiding zijUjP Njets anders dan het gewone IJselwatcr dat alhjen een weinig in kleur verbeterd is en waarvan e stank een weiilig is afgenomen Het wordt zep door my hoogst waarsohijnlyk geacht dit het w er veel slechter zal worden dan het IJselwater wans is Er bestaat toch op het oogeublik vrees Tdat er een nieuwe waterweg die vrees is qn wel weggenomen merkt de heer Maas hierbg pL moAr men moet alle geschriften beoordeelen naar f den datum zal komeu en wordt er reeds nu door ip schtittiegeii zeer veel veenwater in den IJ el geworpen j lat zal bg t tot stand komen van den nieuwen weg niekTermiodereu maar veeleer vermeerderen Dan zal er 0ch verbazend veel veenwater in den IJsel komeu dat 4eu toeatuud van het IJselwater zeer zal doen verudi dereu Is het uu iu de zomermaaudin ial dikwijls heel slecht het staat te b zieu dat het voortaan door de allemachtige hoeveelheid veenwaleJË die er in den IJsel zal komen no veel slecbter l worden Met dien uaiiüuanileu tuestwd van het water uit den IJsel voor oogen vraag k c Is het uietnoodig diit wg een waarborg stellen dat het water goed is Is hu niet uoodig dat wg zorgen dat wij althans de gelegenheid hebben iu geval dat het waier zoo slecht is dat te coustateeren cu te verbeteren Naar mijne mof l og ongetwijfeld en als die zoo nuttige bepaling ui in de voorwaarden werd opgenomen zuu de geheele waterleiding in i niets ziju dau een wasse neus Hieruit kan men zien dat de heer van Iterson dus hei wuler niet zoo goed viudt hij zegt dat door de waterleiding de ileitr verbetereu zal en de itank afnemen Hij erkent dus dat de kleur niet goed is en dat het stinkt eigenschappen die geen geneesheer het water zuUeu doeu goed vinden Iu de verg ideriiig waarop een voorstel tot wijei ging der voorwaarden werd behandeld sprak de heer van Iterson bet volgende nadat de heer Muller eerst het woord had gevoerd Volkoiucu ben ik liet eens met wat de heer Muller daar iu het middeu bracht doch wil mijnerzyds daarbij nog enkele opmerkingen voegen Vooreerst moet ik met ernst protcsteeren tegen eene uitdrukkiug iu de laatste missive der heeren die de couassie aanvroegen opgenomen in het laatste Verslag De geschiedenis der waterleiding te dezer stede is begonnen met eene verdachtmaking van den gezondheidsloestnud van Gouda en al wederom in de door mij bedoelde missive vinden wij sporen van diezelfde verdachtmaking Daarin tooh lees ik deze woordeu Nu de voorwaarden van dien aard zijn dat zij d i concessionarissen die zóó oumogelyk kunnen aannemen ia het dubbel te betreuren dat na door gebrek aan die ondersteuning na vele moeiten ea kosten hunnerzijds een zoo nuttige onderneming niet tot stand zal komen en vele andere steden deze stad alwaar eene wateHeiding meer dan tldert noodig ü zullen voorgaan zelfs met belangrijke opofferingen van de betrokken gemeenten in het bezit eener waterleiding Alzoo wordt gezegd dat in deze stad meer nog dan elders eene waterleiding uoodig is en Gouda wordt hier al wederom voorgesteld als een gemeente die door het water ongezonder is dan andere plaatsen Dit nu is een verkeerde voorstelling In verscheidene andere plaatsen toch is het water zoo slecht dat het onmogelijk is te drinken terwijl het hier ja min wenschelyk is het te gebruiken maar volstrekt niet geheel oudriukbaar mag genoemd worden Wederom alzoo wordt hier de gezondheidstoestand van ouie gemeente verdacht gemaakt en op ons leden van den raad rust de verplichting om zorg te dragen dat Gouda niet langer dien slechten naam draagt welke zij zekel niet in die mate verdient De gezoadheidstoestand alhier is niet zoo slecht epi demlètt hebben bier byna niet plaats de choleraepidemie blg re hier buiten rekening die dan ook niet aan den toestand Tan het water is toe te schryven maar veeleer daaraan dat toen de rioleering gestremd wa Ook vroeger was Gouda een der gezondate plaat iilt sen onzer provincie ja behoorde het tot de meest gezonde steden Tan ons land en ook than ia d itoestand niet zoo slecht als men het wel eens wil doen voorkomen f Wat nu art IQ betreft ben ik het volkomen metij den heer Muller eens Ik geloof dat wg el degelyk j verplioht zgn voor de ingezetenen waarborgen te stellen i dat zg uit de waterleiding goed water verkrygen ei j daartoe is derhalv de bepaUng van dit artikel oai misbaar M Maken wij de voorwaarden waarop wg de pon l ssie verleenen te gemakkelijk de resultaten de raterleiding zullen weinig te beteekenen hebben luis aan huis als t ware gebruikt men bier tei tede zandfilters welnu tellen wg niet geiioegzami waarb fgen dat het wat r uit i de waterleiding aai Jbillyki eischen beantwoordt thet water zal uietfl veter llgn dan dat uit de filteis dat thi ns gebiluiki der ijraterleidin waterweg i h de ttad al V waatin d e iworpei Iwater z4r 1 er opne Ivater j rooêwaar dat tj sstef dS bet Ki gelMf j rd helt note nis J oen plai lieKJ wordlljen alzoo zou het r alf out tMkeuëlid ziju oog orf den nifuwij iéfhijnlykJl dat r v groote lcom gei rmi nitwerë selett der sUhepen ord inderdW de t es a fi bet verergeren l Voorzeker aobt oMik V t i ttij leidibgt komt maw nll n onr de uuWlge wuarbcuKen wordei yater hetwelk dooWile wa rleii foed vifitet i j I Het gemtenlebMtdur Wn Gói jongen tgd gcleilen een oiidefzo l beu van het IJsetwi ter by welke trdt waarin dej en Itoodai r z4r zal Mejf het oog o r e i 4Weel 3 dat d t slecht nas Zelfs in sommige lijden zeer slecht en vóór alle wordt het lyd ilatnfst iud word J gedaan van het denkbeeld dat bet IJselwater goed i Geven wij concessie voor een W ilerleidiiig dun heeft de burgery recht te vorderen dat wg waarborgen stellen dat het water goed i doen wg dat niet dan bedriegen wy tot op zekere hoogte de burgery ij verklaren door de verleeiiiiig der cjnoessie het water dat er wordt versohaft l goed welnu dat wy daarvoor dan ook zorg dragen i Ziedaar wat de heer van Iterson seide hetgeen mij een ander gevoelen gaf omtrent zijn houding in zake de waterleiding dan men op de vorige vergadering uit de woorden van een der leden moest opmaken Doch at ware dat niet zoo reeds in de vorige vergadering wees ik er op dat veisohil van gevoelen tufschen twee deskundigen iu een vergailcriug niet schaadt daar dun de overige niet deskuudigc leden een onbevooroordeelde conclu ie kunnen trekken uit het gehoorde In geen enkel opzicht is dus Tan den heer van Iterson iets te vreezen in deu raad voor de waterleiding Het doorbladeren van de raadsverslagen bewees mij voldoende dat de heer van Iter on vele eigenschappen in zich vereenigt die hem een goed raadslid doen zijn Hij moge als iedereen wel eens dwalen hy is ontegenzeglijk een man die at hij een oordeel uitspreekt niet anderen napraat maar het resultaat van eigen gedachten geeft somtijd wordt door hem wel eens meer op het wcnscheïyko dan op de uitvoerbaarheid van de zaken gelet maar dat kan geen kwaad daar er verscheidene andere praotische mannen in den raad zitting hebben die bij voorkeur op de uitvoerbaarheid acht slaan De heer van Iterson is een man die niet zegt mgn vader en grootvader handelden zoo en derhalve ook ik d a dat volstrekt niet hy is een man van deien tyd Voorts maakt hij het B en W iu hun bestuur niet lastig zegt nimmer grove onaangenaamheden aan zijne medeleden en weet te preken waar hg het noodig acht al hetgeen redenen zgn waarom hi ongetwijfeld op nieuw een verkiezing tot raadslii waardig is Op de vorige vergadering was er nog eenige aanleiding om hem geen caiididaut te stellen toen stond de heer Koek tegenover hem die ook vroeger onze candidaat was maar die aanleiding is vervallen de heer Kook is nu reeds onze candidaat geworden en de heer van Iterson behoeft dus nu niet langer tegenover den heer Kook te staan maar verdient naait hem een plaats op onze oandidatenlijst De heer M van Dantzig vraagt daarop het woord en zegt zich verplicht te ochten den heer Mans te antwoorden omdat bet door dien heer gesprokene hoofdzakelgk eene weerlegging sohyat te moeten lyn van hetgeen hy iu de vorige vergadering heeft gesproken Het komt spr onbegrijpelijk voor hoe iemand na t huis te hebben nagelezen wat de heer van Iterion in èaa raad heeft geiproken orer de zaak der water I leiding de onvoorzichtigheid kan begaan dat hier als eenel aanbeveling van dien heer te komen voorlezen Wat spr toch zooeven hoorde voorlezen deed hem grodtelijks verbaasd staan over de vele tegenstrydigheden die nit één mond tto door één persoon byna tegelgkertgd werden geait Hier heet het dat het water stinkt daar dat het liog zoo slecht niet is en zoo meer En of hij er nu al vóór was om het water uit de tandpypen voor 1 oent de 30 liter of Toor 1 oent de 15 liter te Terkoopen dat is een byiaak en of hij bepaling Tan het aantal standpijpen aan B en W wil OTerlatenJ dat doel minder ter zake tnaar d hoofdsaak is zyn gevoelen betreffende fle kenring van het water niet alleen als raadslid maar ook toen hij in de gezondheidscommissie zat Spr acht de heer Tafc Iterson hoog als dakter als zoodaitig moge hij zeer geleerdj zijn maar hoe dikwijls ziet men niet dat de n est goeerde professoren dikwijls in et maatsohappelyk leven geheel ongeschikt ziju AU raadslid venlientjde heer van Iterson geen aanbeviling als oandidaft voor den ri ad moet spr hem beaUijden 1i it hetgeen de heer Maaa voorlas be i apelrde pr iet veel anders dan tegenstrijdigheden Heb ik getwaald vraagt spr overtuig mij dan j idocb zoolanf ala dat niet geschiedt blyft spr zgu evoelen baiHhaveu dat de Goudieht Kieivereeniging I veai l er fvu I teHoo geen candidaat moet stellen boreal méaéem ikn bok als dokter moge respccteereti De leer ühas btaniwoordt den vörigen spreker en ieg at zjM de heer van Dafitzig zich verbaaa t r r l jtg cf spr vuorlos Ipr zich van zijn kast over r piide i dat de tbeer van Dantzig tegeo lrijilij lie fcn meende op t j merken in de woorden j t i4 4 i leetyan Oèrson Slecht fen punt is door de IAer Va If t K genoemd nl dat de heer van Itehon eetstltViiW iet walèr i slecl en later het water is o jEoolueCiit niet i iMaar ii dat een tegenstrijdigheid P l SplH gelouflij het niet jvAls de heer van Dantziel goed heefi gèhoord dan tal hg moeten erkennen daiide er vait Uterson z ide dat het water in Gouda zoo slecht niet als op sjimmigr andere plaatsen maar daarmede beweerde hg nog niet dat het vulin iakt goed was De bedoelde tegenstrijdigheid verdient dus dien naam niet De beer Tan Dantzig vraagt daarop wederom bet woord en zegt slechts daarom één punt te bebben genoemd omdat hij de vergadering niet wilde vermoeien met alle punten op te noemen waarin de heer van Iterson zichzelf tegensprak Spr koofl uit de Tele tegenstrydigbetlen één punt dat bet meest in het oog sprong nl dat de beer Tan Iterson eerst zeide t water stinkt en kort daarop het water i nog zoo slecht niet Zijn die twee uitspraken met elkander overeen te brengen Volgens spr niet De heer van Iterson zeide voorts dat hier de epidemicn niet erg waren ranar wy welen allen nog uit het afgrloopeu jaar hoe de mazelen hier gewoed hebben wij weten eveneens hoe de cholera bier talryke offers eischte rn als wij het sterftecyfer nagoan en vergelijken met dat uit andere plaatsen dan moet het verwoudriing baren door een geneesheer Ie hooren beweren dat het hier niet zoo ongizond i De heer van Iterson is uit principe tegen de wnlcTJeiding nu het viorslel tot verleening der concessie eenmaal is aangenomen moest by zich of aan de verdere discussie onttrekken of preken gelijk hij deeil De heer van Iterson was tegen de watc riciding is er tegen en zal er steeds tegen zyn Hij wil steeds proeven doen nemen met het water volgen bet gesprokene wat echter na al het gebeurde onnoodig is Het water uit de waterleiding zal wel niet volmaakt zgn maar waar is dat te inden Ook wdwaler ook regenwater bevatten schadelijke zelfstandigheden Het water uit de waterleiding zal toch in geen geval slechter zijn dan dat uit de tonnen wat wij nu gebruiken en bovendien tal eene waterleiding zeer veel gemak opleveren voor de ingezetenen De gezondheidscommissie wie groote geldsommen werden Terleend om proeven te nemen adviseerde dat het water uit de leiding nietsteeds goed zou zyn doch de heer Luytcn overtuigde zonder kostbare proeven alleen door de wetenschap de meerderheid van den raad dat het water wel goed zou zijn waarom dan ook de concessie verleend werd De heer van Iterson was tegen de waterleiding bet is volgens spr den heer van Iterson ook niet zoo bijzonder kwalijk te nemen dat hij dat was hy heeft het zoo druk als geneesheer en hij is nog niet zoo geroutineerd in andere zaken dan de geneeskunde die in den raad behandeld worden maar dan moet de heer van Iterson het spr ook niet kwalijk nemen dat waar in den raad een man zitting beeft als de heer Luyten die byzonder vóór de waterleiding is dnt hij daarnaast dan niet iemand plaatst die er tegen is want dan zou men aon den een niets hebben daar zijn stem door den ander als t ware vernietigd werd Met het oog op de waterleiding zou men niet verstandig doen meent spr den heer van Iterson te herkiezen De heer Maas zegt daarop dal wilde de beer onbruikbaar maken der hem van gemeentewege Ter strekte uniform in twee boeten een tou ƒ 1 en een Tan 50 tot Tcrgoeding der schode aan de Doiform toegebraobt en in de kosten CORRESPONDENTIE A ea Z verzoekea beleefdelijk de Iwstilrea der hier beBtaaoJe kiuvereenigiDgea on dq indien dil nog mogelgk is en althans in t vervolg de namen der eandidateo im atpkaietitekt ordt te rsagicbikken en aan te bevelen niet alleen ter bespoediging van bel bekend zijn van den aitaUg der verkiezing naar tevens ter vcrgeoukkelgking van denlastigen siteid van het atembureaa Burgerlijke Stand GEBOBEN Jali Hnbertns Martians Jobann onders B A Veriyl en J M F Brnmmer 10 Johannes Petrna Jaeobis oldera J W Kipp ea k 1 van de Ven OVERLEDEN SJnli A E Wieutjea 1 ra 10 B N J Cosijn 21 j II J W J Bossong 4 j O VUERTEOfWD 11 Joli I P Aret 22j n D van der Bree 22j H J van Baaien 22j en 1 Verkaaik 26 j A Vermeolen 22 j ea A van Reede 20 j L Heerkena 2tj en 1 Bonter la Moordreeht 18 j ADVERTENTIÊN Bevallen Tan een Zoon es A J KIPP TAK Dg Vb Gmida 10 Jnli 1879 B Tallea Tan een Zoon M J WELTER La s Gouda 11 Jnli 1879 Heden overleed mgne jongste Dochter BBRNARDINE NICOLINE JOHANNA in den onderdom van rnim 21 jaar C COSIJN QooDA 10 JaU 1879 Eenige Ken isgemnjj De ondergeteekende betuigt zijnen harteiyken dank aan zgn Patroon den WelEd Heer C LAFEBEE voor het prachtige Cadeau hem vereerd bij gelegenheid zgner 25 jArige DienstTervuUing GERABDÜS IJPELAAB OoüDA 12 Jnli 1879 De ondergeteekende heeft de eer zgne geachte Begunstigers te berichten dat hjj zgn COURANTEN LEESHfRICHTINe heeft overgedaan aan Alexander BOUT Onder dankbetuiging voor de tot nn toegesotene gnnst beveelt hg zgn Opvolger beleefdelgk aan P VAST DEB LIJNDEN Ingevolge bovenstaande advertentie beveel ik mijne COURANTEN LEESINRICHTING beleefd aan ook voor het ter lezing geven bg genoegzame deelneming van liet Nieuws van den Dag hopende diezelfde gnnst als mgnen Voorganger te mogen genieten eene accnrate bediening belovende A BOUT Woonplaats GOUWE C 79 GODDA Juli 1879 Latijnsche School te GOUDA Ondergeteekende maakt bekend dnt het EXAMEN van TOELATING zal gehouden worden op DINSDAG 15 JULI e k in het Lokaal der school des middags ten 12 nre Dr D TERPSTRA Rector