Goudsche Courant, vrijdag 14 juni 1940

COLA DE SLEDEHOND Een dapper dier uit het hoge Noorden giiiiiiuiiiiiinmiimNMiiHiiiHiitiHiiinHniminHiHr f DE MAN IN DE MAAN I OPSTAP § De Man in de Maan = wou uit wandelen gaan E De sterretjes stonden te kijken § Ze zagen vol pret E hoe een hoedje heel net E hem kwiek op zijn b ri stond te prijken E Hij is toen v ridaan E langs de Melkw gegaan E en stapte langs neev lge egen E Door wolken heei dik E ging hij heen in zijn schik E Hij kwam ook wal stnarlsterren t£gen § IIIIIMIIIIIIHmill IIIIIIIIIIIIIIIHIIIIIIIIIMIIIIIIIIIIIIimilUlllllllllllllllllllllllllllllllllllllilHMillHlllllllllllllilM Waarheen hij wil gaan heeft niemand verstaan en t staat er ook nergens in boeken Maar hij is niet dom keert natuurlijk straks om en gaat weer zijn maan woning zoeken I Timpie de Terriër ZIJN AVONTUUR MET DE ZWANEN WIJ MAKEN NU EENS EEN HUISJE Veel kinderen vinden het leufc om ie f een aarttig huisje te maken en we geven jullie daarom hier een modelletje dat met niet al te veel moeite kan pjorden nagemaakt Het i een gezellig landhuisje met luikjes voor de vensters AU materiaal heb je er karton uoor nedt0 toel stevig maar toch ook weer niet al te dik anders kom je ei niet door met je schaar of tnet Een schoenendoos kan ook dienst doen Breng eerst de tekening op hef Icorton over Het beste is als je de maat 2 a 3 maal zo groot neemt Je hebt dan eenmnaiig alle lijnen maar 2 of 3 maal wif vond de post uit Koning Cyrus it HANS alleen op reis We vinden het nu heel gewoon om een brief naar de post te brengen per dag wordt de brievenbus een paar keer geleegd per dag krijgen we een paar keer post en onze brieven gaan naar de verste landen Wat zouden we moeten beginnen als we de post niet Hadden Maar door wie is de post eigenlijk uitgevonden t Koning CjTus van Perzië die onge eer 550 jaar voor Christus Jeetde wordt als de uitvinder van de post beschouwd Je ziet dat de post dus al heel lang beslaat Maar natuurlijk was de post afhankelijk van het verkeer in die tijd Koning Cyrus had een geweldig groot ryk en het was voor hem heel Hans mocht alleen op reis Hij zou een hele maand gaan logeren bij Oom Henk en tante Doortje die aan zee woonden Hans had zeelucht nodig Vader h ad hem naar de trein gebracht en nog allerlei goede raad gegeven Als hij in Zeedorp aariktvain zou oom Hfenk hém van de trem halen En toen had vader Hans vlak voor de trein vertrok nog een klein pakje in zijn hand gestopt een cadeautje zei vader Het was een zakmes Hans had altijd erg naar een zakmes verlangd maar Moeder vond hem r eigenlijk nog te klein voor En nu had hij er een Het zat stevig m zyn zali terwijl de trein voortdenderde Toen de trein ergens stopte kwamen een dame en een klein meisje in de coupé Hans keek haar een beetje spottend aan Ze was minstens zo groot als hij maar z i mocht niet alleen reizen En om te laten zien hoe groot en flink hij wel was ging hij na een poosje roet zijn nieuwe zakmes zitten spelen Het kleine meisje keek er naar en kwam langzaam aan al dichter en dichter bij Hans zitten Haar moeder was in ceo boek verdiept Mooi mes heb je daar zei zeeindelijk Hans knikte maar eens Ik wil het best van je koopenzei het meisje weer Ik heb eennieuw kwartje in mijn beursje datkun je krijgen Maar Hans schudde het hoofd Stel je voor zijn mooie nieuwe mes verkopen Neen hoor dat deed hij niet Eindelijk en ten laatste waren ze in Zeedorp De dame en het kleine meisje stapten uit daarna verliet Hans met zijn koffertje de coupé Hy zag hoe een rote heer het kleine meisje optilde en omhelsde Zeker haar vader dacht Hans en hij keek rond of hij oom Henk zag Hij kreeg een beetje eenzaam gevoel want niemand nam eigenlijk notitie van hem Maar oom Henk was er niet en langzaam liep Henk met de andere mensen naar de uitgang van het station en gaf zijn kaartje af Misschien was oom buiten Neen buiten was hij ook niet Dat begon akelig te worden en Hans onderlip begon hinderlijk te beven Hij wist dat oom en tante een tamelijk eind buiten het dorp woonden in een alleenstaand huis dat Duindoornhuis heette Eventjes Pret Hij zag hoe de dame met het klein meisje en haar vader bij een auto stonden en boe daarin een paar koffers werden geladen Oök een antwoord Een kleine jongen moest eens voor den meester neerschrijven wat de ruggegraat precies was En meester las De ruggegraat is het ding dat maakt dat onze benen niet helemaal tot onze nek doorlopen Waar Zeg Joop zei Jaap waar kun jijmist vinden op een zonnige dag Mist nergens natuurlijk zei Joop Wel waar ergens is het altijd Waar dan 1 Ha ha in het woordenboek natuurlijk iop eé Zeg eens ventje l en je verdwaald of iemand misgelopen vroegopeens een stem en Hans keek inhet gezicht van een vrolijk uiuienden dikken taxi chauffeur die op klanten stond te wachten Mijn mijn oom zou m afhalen niaar ik zie hem nergens begonHans beverig Waar woont je oom Buiten het dorp in Duindoornhuis O ja dat weet ik wel Zal ik je er heen brengen Dat kpst je een kwartje Een kwartje Hans had geen geld bij zich maar hij dacht aan het aanbod dat het kleine meisje hem in den trein had gedaan en hij holde naar haar toe i jl jd mijn mes k en vooFfeen kwartje fluisterde hij Ze knikte haaWe een blinxend mes terugbrengen dat mijn kleine stoute dochter daarnet van dit ventje heeft gekocht Zij mag nog niet met messen spelen hoor Oom i egreep er niets vah en Hans die vuurrood was geworden moest alleS üitleCSen Maar gelukkig weldra zat Jiet hies weer veilig in zijn broekzak en Kad het meisje dat Miep bleek te heten haar kwartje weerom E n Hans kom je morgen bij Miep soéleal vroeg haar vi hem dat over En zo veranderde het n es van eigenaar Met het kwartje in zijn hand kwam Hans bij den taxichau eur terug maar ha opeens verhelderaè ztjn gezichtje daaTtauJ k oom Henk met zijn kleine aut tje O Hansjeman ik was een beetje teat wat i ljt me dat begon oom den kiemen jongen optillend Opeens Werd hij op zijn schouder getikt eb Hans zag dat dit gebeurde door den tangen meneer den vader van hetkleine meisje toen r l hte Dat was een goed begin van Hans vacantia hè We heer ik kom je yen t s vara moeilijk om met de bestuurders zijn provincies te onderhandelen Toen kreeg hij een idee dat de oorsprong van de post was H j liet de tüd die een goed lopend paard in een bepaald aantal uren kon lopen uitrekenen Ver volgens liet hij stallen Iwuwen die op een bepaa cie aMand van ellcaar lagen In die stallen huisden paarden berijders en een postmeester De laatste nam de postpakketten en brieven van de lioden in ontvangst en gaf ze door aan hun opvolgers Deze post ging altijd door overdag s nachts door weer en wind De post verbinding ging zo goed en breidde zich zo uit dat de betrekking van postmeester heel hoog eo belangrijk werd Voor de Franse kinder heeft de uitvinding van de post een groot voordeel gehad Zij kragen namelijk op school voor niets les En dat hebben zij aan de briefpost Ie danken De opbrengst van de post werd indertijd bestemd voor het geven van gratis les op school Die opbrengst werd zo enorm dat koning Hendrik III haar vodt de staat bestemde Haar de instelling van het gratis lesgeven bleef bestaan en dit is zéker niet één van de kleinste voordelen die het postwezen voor een land heeft ebad zo lang te trekken AU je alles hebt getekend knip je de verschillende delen uit en vouwt het karton volnem de stippellijnen om Dan ga je het huit twrcen Öet 4ak rood de deur en de tponningen naA de romen geel en de luiken groen De rechthoek op het plaatje sult het dok tjoor VooHs pink je alle delen op elkaar en laat alles goed drogen De handigen onder jullie kunnen er zelf van alles btj vèrzihnen Er kunnen balconnetjes garages of schuren worden aangebouwd Op die manier kun je een heel dorp In eUcaor zetten RAADSELS Nr 1 Welk spreekwoord van 4 woorden kun je vormen uit i ooooaawwtttrrvh Nr 2 Welk klein zoetruikend plantje in de wei wordt een muziekinstrument als je tussen 4de tax e 5de Ijet ter een ker inschuift Nr 3 Drie mannen zeiden Als je letters van onze namen an plaatst krijg je oo Ze heetten J Ruilen Feisdom B bera Wat waren ze van hiin vak Nr 4 Welke mooie boom wordt kengerei als je de 4 lettei yerwisseltf Nr 5 Hoe k je va een van 4 letters dat het tetendeel van 4a ietekent één letter a 3i nea én ééa nrerlioudeo7 OPLOSSINGEN RAADSELS UIT HET VORIGE NUMMER Nr 1 Een halve stuiver hecht Nr 2 Vecht spechji knecht Vr 3 Ia cht eg aal Nr 4 Os O Cola de sledehond van wie we jullie hier iets gaan vertellen werd geboren in Alaska in Noord Amerika Het is daar geweldig koud Cola s baas was een ontdekkingsreiziger Frans Moland genaamd Hij had zijn vaderland verlaten om zich bij een NodIRpoolezpeditie aan te sluiten Bedeidc wel dat zo n expeditie erg gevaarlijk is In bet Noorden zijn rvgeen treinen en met een auto kom je look niet ver Die onderzoekingstochten in het Noorden worden per slee gedaan E n wie trekken die sleden De hondenl In het hoge Noorden leeft een speciaal soort honden de zogenaamde poolhonden Zij zijn niet zo groot maar geweldig sterk en ze zijn met weinig tevreden Want in die koude smeken kunnoi ze niet veel voedsel krijgen Maar je kunt ze al tevreden stellen met gedroogde vis Alle deelnemers aan de expeditie waren dol op de honden Hing bun leven niet van het uithoudingsvermogen van de dieren af Maar het meest van allen hield Frans Holand vaa de beestéi want thuis in zijn eigen land bad hy ook een trouwe berder Hü moest altijd aan zijn eigen hond denken als hij aan de honden eten gaf Zijn grootste vriendin was een grüsachtige hond die Anja heette En Anja w aa nie minder dol op Frans Moland En op een goede dag verraste Anja de menSen met vier kleine mollige hondjes De kleine beestjes drukten zich dicht tegen hun moeder aan om een l eetje warmte te hebboi é dak OPLOSSING SPREEKWOORDENREBÜS Wat gij niet wilt dat u geschiedt dort dat ook aan een ander Maar wat nu De eiq editie zou over enige dagen verder gaan Wat moesten ze met Anja en haar vier kinderen doen De kleintjes konden zover niet lopen Natuurlijk wist Frans er weer wat op Handig maakte hü van een stuk jute twee zakken Die verbond hij door een band met elkaar en zo had hij twee prachtige draagzakken Net als wy soms achter op de fiets hangea Toen legden ze de l alletjes wol dat leken de hondjes precies twee aan twee goed in stro gewikkeU in de zakken De kopjes staken er boven uit en met hun ABes slaat p 1Alles slaat op zuchtte juffrouw Pips tegen meneer Paps Maardip ladite Ik weet toch wel iets waarvan uer altijd nog vijf voor een stuiverkrijgt juffrouw Pips Zoo zei juffrouw Pips en watmag dat dan wel zijn Centen juffrouw lachte meneerPap toen HOE komen de Jmnvatjeê in him hol kleine kontjnijej t er afgedumald w hol ie kunt het plaatje lie Maw hoelkomen zij weer in dat holker p Al je het tuieet I Init kelpien moet je een schfrfyepunt potlood nemen en daarmee de nxOe loeggetjes langs gaan ronde oogjes keken ze verl aasd dewereld in Anja de moeder stondnetjes stil toen Frans de zakken ophaar rug hing Ze wist wel dat dedierenvriend het goed met haar meende Toen zette de lange sledenstoet getrokken door de blaffende poolhonden zich in beweging Maar Anji behoefde dit keer niet zelf te lopen ze zatnaast Frans op een slee en had daarhii haar jongen bij zich wat kon zemeer wensen Nu zul je wel begrijpen wie Cola was Een van de vier jonge hondjes En hij moet wel de sterkste van de vier ijn geweest want hjj was de enige die de koude en vermoeienis van de lange tocht overleefde Zijn drie zusjes stierven ofschoon Frans en de anderen alles deden om hen in leven te houden Dus bleef Cola aUeen over Hü scheen van de kou geen last te hebben want hij groeide als kool Een hele tijd voordat de expeditie ten ein HaUo jongens en meisjes daarben ik Timpie de terriër Ik zaljullie weer eens wat van mijn avonturen vertellen Zoals je weet benik een jong hondje vol levenslust energ nieuwsgierig Daarom haal ik mewel eens allerlei lastige dingen opde h maar mijn moeder plachtaltijd te zeggen dat ook een hondjedoor schade en schande wijs moet worden Nu dan een poosje geleden heb ik met mijn baasje en vrouwtje ze heten Net en Jaap op een IxJerderij gelogeerd Fijn was het daar en er viel heel wat rond te snuffelen voor een hond Met Bas de grote waakhond op het erf had ik al dadelijk vriendschap gesloten Hij l ekeek me eens goedig zoals een oude oom doet tegen een jong neefje waarschuwde me voor Kootje de kat die haar pootjes nog wel eens vals kon uitslaan en ging slapen Maar ook met Kootje viel het best mee En buiten was hét eenvoudig héérlijk I Overal weilanden om in rond te draven en kleine slootjes waar je op zoek kon gaan naar ratten Vlakbij de boerderij liep een riviertje en je moest een bruggetje over om ep de hoeve te komen Toen we er pas Waren moest ik van dat water niets hebben en ik liep altijd heel voorzichtig midden over dat bruggetje Maar toen we na een paar dagen eens erge haast hadden en de kinderen het bruggetje overholden om toch maar gauw thuis te zijn glibberde ik van de planken af en viel pardoes in het water Ik kon ewemmen Dat was me een schrik toen ik daar opeens in dat koude stromende water terecht kwam Ik proestte en hijgde spartelde met al mijn poten en begon die te bewegen en opeens daar merkte ik dat ik keurig het water doorsneed ik kon zwemmen Dat had ik nooit geweten Was dat even een verrass Van dat ogenblik af ik was er nu ook gaufr genoeg uitgekrdbbeld had het riviertje een gfiwlldige aantrekkingskracht voor me Ik wilde niets liever dan dat Jaap stokjes in het water gooide en dat ik ze er dan voor hem mocht uithalen En j nis zwom ik hele einden met het i Mf r mee Nu moet je weten dat l §en eindje verderop d t stroompje een beetje breder werd en dat in het midden ervan een eilandje lag Naar dat eilandje wilde ik altijd graag toe maar jaap verbood het me met die strenge stem waaraan ik langzamerhand leer gehoorzamen Neen Timpie zei hij hetis daar een beetje gevaarlijk voor Je mag er niet heen was liepen Cola en s jn moeder tA voor de sleden Cola was nooit moe De l este sledebond die je maar wensen koni Ba des avonds als de tenten voor de nacht werden opgezet viel Cola als een wild dier pp zijn voedsel aan Op een goede dag had Cola de gelegenheid om zijn meester een grote dienst te bewijzen Frans stond aan de oever van een meer een tas met waardevolle instrumenten in zijn hand en hij keek door zijn verrekijker Plotseling viel de tas uit zijn hand en gleed in het meer Toen had je Cola eens moeten zient Binnen enkele seconden was hü in het ijskoude water dook en kwam met de tas weer boven Frans hielp hem naar de kant te komen nam de tas uit zijn l ek klopte hem goedkeurend op zijn rug en zei Dat was kranig van je Cola daarvoor kr g je vanavond een ex traportie visl Hmmm zo Nu ik deed het dan ook niet Haar vergeten deed ik het aardige eilandje dat zo vriendelijk groen midden in het water lag natutulijk ook niet En toen kwam bet toeval me te hulp Op een morgen moesten Net en Jaap in het dorp boodschappen doen en ik mocht niet mee Dat was dus net een mooie gelegenheid om in mijn eentje eens op avontuur uit te gaan Ach jullie begrijpen bet natuurlijkal wel ik ging zwemmen £ b juistzo ver zwemmen tot ik bij beteilandje kwam Het was niet ver enik voelde me dus ook helemaal nietvermoeid toen ik er aankwam Waarom had Jaap het me eigenlijk verboden Et was niets gevaarlijks tebekeimen en eerlijk gezegd ergerdeik me eii een t eetje aan dat mijnbaasje me nog altijd als een erg klein en onnozel hondje bleef beschouwen i Bij het eilandje gekomen ging ik aan land rustte wat q eelde een beetje en toen zag ik opeens in het gras aan de bever twee mooie witte stenen Wat waren ze aardig rond Ik had tóch niets te doen en daarom besloot ik er een spelletje van te maken en die stenen het water in te duwen Wat een schrik Dus begon ik met mtjn neus en kop zo hard mogelijk tegen de achterkant van één van die witte stenen aan te duwen en toen toen kreeg ik de grootste schrik van mijn leven Want opeeas wapperden grote witte vlerken om mij heen een felle gele snavel hapte naar me en heel die witte steen kwam tot leven Dt natuurlijk aan het rennen rennen of mijn leven er van afhfaig Haar het grote witte dier met de vleugels en de gele snavel nu weet ik dat het een zwaan wasi zat me na Toen ik te water sprong en zwom zo hard ik maar kon sprong hij ook te water en zwom eyeneens met een flink vaartje En de andere witte steen was óók tot levengekomen en bleek eveneens een zwaan te zijn die op een nest met eieren had gezeten Woedend waren ze over de storing allebei schreeuwden fe hees en boos zodat mijn arme oortjes tuitten Ik zwoth en en zwom maar zo hard ik kon en nu bemerkte ik dat het eilandje tSch een héél eind ver weg lag hoor en ook snapte ik thans waarom Jaap het me verboden had er heen te gaan Was ik maar wijzer geweesti Wat werd ik moe van dat haastigezwemmenl En wat was ik bang wantik boorde de snuivende en sissende zwaan aldoor vlak achter me Het leek wel ot hij steeds dichterbijkwam hij leek ook in het minst nietmoe QelukkigI Daar zag ik Net en Jaap op de oever staan Ze bolden de kant uit waar ik Jkwam aangezwommen en Jaap begon takjes in de richting van de zwaan te gooien 4ie telkenS vlak voor hem in het ater belandden Daardoor werd bet dier afgeleid en ik kon hijgend ei doodi oe aan de kant klimmen Natuurlijk kreeg ik een ferm standje maar ik waS zó moe en ontdaan dat ik de helft niet van verstond E één ding is wel zeker naar dateilandje zwem ik nooit meer Nogvoor geen dozijn lekkere beentjeshoor