Goudsche Courant, zaterdag 24 augustus 1940

En hebben jullie niets nden gedau dangereden gegeten en geslapen Niets andèriT Ni ts anderiT De moleomarbeet op zyn pUpje trok zUn voorhoofd volrimpels en dacht lang na Niets ander TNee eigenlyk niet veel We hebben daar zootusschendoor e ia een generaal gevangen genomen met zyn heelen staf en een eavallerieregiment in zyn kamp overvallen m paar infanterieregimoiten weggejaagd m bier hier de molenaar stroopte zyn rechteimouwop en legde zyn arm op de tafel Era breed mod litteeken liep van den pols tot over deneiieboog over den mageren arm Dat was van een zwarten officier die my met zyn kromzwaard Maar verder verderkan ik me werkeiyk niets herinneren Toen was het plotseling heel stil in de herberg Zóó stil dat de molenaar een beetje verward zyn mouw naar beneden trok betaald en hoofdschuddend naar huls ging En de gehate trekken van den man tegenover hem monsterend trok hij den arm met de zware gebalde vuist achteruit en liet met alle hem door zijn brandenden haat ingegoten kracht den slag uitschieten midden in het ge laat van zijn vijand Het glas van de vallende lantaarn kletterde op de steenen Fedor zakte in elkaar En toen Jakow met een grauw zich over den ander heenboog verstijfde net bloed In zyn aderen Want daar vlak voor zijn schoenen rolde het hoofd van Fedor et rolde zoo maar over de steenen van dy straat en bleef liggen De QDgen staarden reqht in de zyne Je hebt zyn JiDofd afgeslagen fluisterde Njakow zichzelf heesch toe Schichtig loerde hy achterom of niemand getuige was geweest van zyn daad een rilling plantte zich voort over zijn ruggegraat Wat moet ik doen dacht Jakow grauw van angst Zóó kon hy dit alles niet laten liggen Hy moest iets doen om zyn daad te verbergen Jakow veegde over zUn voorhoofd sn beet op zyn lip Toen pakte hij het lichaam van den opzichter en sjorde het zwaar de gang in achter de deur Maar het hoofd lag nog op ïtrant het hoofd dat de sporen van zyn vuist toonde Dat mocht daar niet blüven Een man met een rekenhoofid A b + B er+st + C ar+t + D e + E d + F t+g I G v+m + H r + I r+s + J vi + K + a + L rie+Is + M n + N o + O k + m + P+e + Q g+r + R vt+ank 4 S d + le + T bsl+m + U o+i + V h+i + W d I Y + Z k+ch + AA s + de = X A = riool waterleiding B = zeegras C = omdat D = groot water E = onderkleeding F = vischgeheente G = vloeistof H = cirkelvormig I = slank tenger J a = dal schrikkeljaren had vergeten En inderdaad hy had gelyk THy vertelde dat hy vroeger tot tien had leeren tellen Toen hy het tot honderd km vond hy zich zelf al heel knap Daarna had hy de haren van een koestaart geteld en het getal 1872 gevonden Van deze oefening was hy gekonaen tot het tellen van de korrels die in een schepel tarwe zaten Daarna had hy berekend hoeveel dakpannen er noodig waren om een huis van een bepaalde grootte te bedekken en hoeveel palen en latten er noodig waren om een stuk land van een aangegeven grootte te omheinen Op deze manier had hy zich geoefend n was een man met een e k enho ofd gawwdao T AKOW gloeide van woede toen hij I s avonds uit de fabriek naar huis Icwam J iittere haat broeide in zijn gel nepen oc n en hij gromde onder het loepen wUde on gearticuleerde geluiden Toen hij zijn Itleine zolderkamer binnenstapte waar het dul rook en knoflookgeuren uit het benedenhuis opwalmden was zijn woede nog niet gebluscht Wat vermeet Fedor zich die schooier die leugenachtige gemeene kerel 1 Hem Jakow een goed werkman een hard werkend mensch uit te maken voor luiaard voor tyddief waar iedereen bü stond I Wild bonkte Jakows harige groote vuist op tafel die piepte onder het gewicht Gemelijk likte hi de brokken van zijn avondmaal door Wacht maar als hif Fedor eens even even maar hier in de kamer had zoo met z n beidjes een kwartiertje alleen Wat zou de kerel piepen als hij hem zonder getuigen onder handen nam en zijn haat uitte in enkele zware rake klappenl In weüiige minuten had Jakow z jn sober maal verorberd Toen stak hü een sigaret op trok er nerveus aan en stapte met de handen op den rug als een beer heen en weer lö het kleine kamertje Reeds vroeg eerder dan anders zijn gewoonte was wierp hij zich op het krakende ijzeren ledikant Hy trachtte den slaap te vatten maar het lukte niet Den heelen tijd had hü voor zich het gehate gezicht van Fedor den baas Diep klemden de nagels van zijn vingers zich In den palm van zijn dichtgekpepen handen Toch dommelde hij ten laatste in en nog in zyn slaap bleef de woede in hem draaien en priemien Zwaar ademend lag hij op de gebulte matras en het duister vulde de zolderkamer In het holst van den nacht ontwaakte Jakow Druppels parelden op zijn slapen hy ging rechfop zitten en s taarde naar het vierkant van het zich flauw tegen den nachthêmel afgeteekende raampje Zijn besluit nam steeds vaster vormen aan Jakow stapte voorzichtig uij het piepende ledikant kleedde zich en sloopTle gang op zachtjes om geen der vele bewoners te wekken Niemand mocht vermoeden dat hy Jakow dezen nacht uit huis was geweesti Hy trok zonder al te veel gerucht de buitendeur achtec zich dicht en stond op straat in de kille duisternis Een enkele lantaarn wierp zijn licht op de steenen een zwervende hond keek schuw in zijn richting en irerdween snuffelend langs den huizenkant Jakow stapte voort het geluid van liJn zware schoenen met ijzerbeslag dempend Geen mensch ontmoette hij Wannejsr hy meende voetstappen te hooren naderen J erschool hy zich schielyk in een portiek en Bng weer verder als het veilig en stil was 0 Diar was het Hy stond vo$r het lage huls waar de opzichter Fedor woonde Aarzelend even huiverend keek Jakow rond In de donkere straat Toen klopte hy pp het hout van de deur en wachtte klopte nogmaals In de woning klonk eenig gerucht Een raam werd opengeschoven en de stem van ï edor klonk van boven vragend Jakow hield tyn gezicht zoo veel mogelijk in de schaduw Ssst Kom beneden fluisterde hy Met de vuisten fel samengeknepen wachtte hij tot de deur van binnen w rd geopend Fedor stond daar met een lantaarn in de hand die ziin gelaat rossig verlichtie Wie is daar fluisterde hy terwyi hytrachtte het gezicht van doi bezoekar te herkennen Jakow tastte In zUn rak Een kramt vond hy Hy vouwde het krakende papier open legde Fedors hoofd daar in en pakte he papier er goed omheen stevig opdat er niets door zou lekken Toen nam hy het pakji onder den arm keek even rond en liep heen Stil hing de diepe duisternis in de stad Boven de kartelige silhouetten der huisdaken joegen de wolken waarachter nu en dm even een glimp van het maanlicht veegde geluid geluid Jakow stapte zwaar voort toch het van zyn schoenen dempend een zwaar zoemde in zyn hoofd en het pakje ond er zyn arm woog loodzwaar Was hy nóg niet b i huisT Plotseling ontdekte hy een schaduw dicht voor zich uit Een agent stond onder ep taam hy kon met meer terug Hou Je goed daclU Jakow bevend HU begon een liedje te neuriën uiterliJ verschillig voortloopend en het pakje na lant onder zyn arm De politieman keeklnaar hem toen hy in het licht van de lantaarn passeerde Jakow keek hem aan en knikte BiX hot verder loopen voelde hy den blik van den der priemen in zijn rug Hy hield zich strkm en bleef kalm loopen tot hy eindelyk zyn hèts bereikte zachtjes en snel opende hy de deur en klom naar zyn zolderkamer Jakow zuchtte en draaide knarsend den sleutel om Het pakje krantenpapier drukte hy nog steeds tegen zich aan Dat ding moet weg mompelde hy Hy opende het venster en keek naar bulten Wacht als hy het pak in de dakgoot wierp was het voorloopig geborgen Jakow greep het pakje van de tafel en opeens drong het tot hem door dat de krant nat aanvoelde Wat kon dat zyn HU stak en kaars aan en bij dit serene licht ontdekte hiJ met afgryzen dat de krant was doorgelekt Ook zag hy by nader onderzoek dat op den vloer van de deur een spoor van roode druppels Hep Jakow huiverde Hoe lang reeds had het gedruppeld Lagen de druppels ook bulten naar zyn woning voerend als een duidelyk spoor Eerst dit weg dit eerst dacht Hy verward Hy boog zich uit het raampje smeet het pakje de goot in Het rolde voort de krant sprong open en het hoofd van Fedor vloog eruit wipte over den gootrand en plofte op de straat beneden Een gesmoorde kreet ontwrong zich aan Jakows keel En terwyi hy zyn hoofd terugtrok In de kamer hoorde hy stappen die dof resonneerden in het trapportaal Iemand kwam naar boven Jakow wierp zich op het bed en trok de dekens over zich heen Hygend luisterde hy De stappen naderden naderden Bonk bonk bonk Harde kloppen op Jakows kamerdeur Bonk bonk bonk Doodstil lag hy het jagen van zijn hart klonk als mokerslagen Bonk bonk bonk Toen ontwaakte Jakow de zon scheen in zyn zolderkamertje De knokkels van zyn kostjuffrouw bonkten op de deur flaar kloppen maakte een eind aan de nachtmerrie geboren uit Jakows haatgedachten Alphabetischë Rekenpuzzle K = wiel L = reeks rl M = meisjesnaam verkortï N = familielid O = afsluiting afrastering P = kip Q = voertuig R = vinding gedacht S = vallei T = gekrakeel U = opgeruimd licht V = dapper manW = caféhoudster Y = stuk rookvleesch Z = ongesteld AA = omhulsel X = een zlo uit een lomaiu DE OUDE MOLEMAAK VERtEVT erg prettig s Avonds kwamen we by een herberg De waard was een kalf aan het slachten We sprongen van onze paarden gaven ze water en hooi gaven ze haver en daarna gingen we eten Een mooi borststuk was het Een borststuk zoo bruin zoo goudbruin gebrajJn als n eierkoek Jongens jongens wat hebben ft e toen lekker gegeten We tolden naar onze matrsissen en sliepen als een blok Maar om drie uur werd er alarm geblazen en moesten we weer door We stapten in onze laarzen zadelden de paarden en reden door Nu dreunde het hccle Inkaal van het lachen Alle andere b zoekcrs hadden meegeluisterd en een van hen een jonge kerel kon zich niet langer inhouden en zei Neem me niet kwalyk molenaar maaréen ding Hoe lang zyn jullie zoo door gereden Tot nu toe hoonde een ander Tot we in Parys waren antwoordde demolenaar rustig en schoof zya pypje van zynhnkermondboek naar den rechter H ET was een klein plaatsje waar ik voor myn onderzoekingen een paar maanden heen moest maar het was er wel gezellig Lïingzamerhand kende ik alle mwoners en ze waren ook niet meer zoo stug tegen me als in het begin toen ze me argwanend aankeken als ik ze groette Zoo n vreemde man uit het buitenland dat was niets voor hen Die kwam zeker den boel afkyken Veel af te kyken was er anders niet maar als ik dat had durven zeggen had ik het waarschynlyk voor altyd verbruid Maar de laatste weken waren ze veel vriendelyker tegen me en als bewys dat ik m hun krmg was opgenomen gold dat ze me op een avond toen ik naar de dorpsherberg was gegaan om nog eens met iemand te prakten zelf vroegen om aan de stamtafel te komen zitten Aan die stamtafel zaten de oude molenaar met wien ik ook al nader had kennis gemaakt een paar jonge officieren de drogist en een van de deftigste boerra uit den omtrek Het gesprek ging dezen keer over den tyd dat de molenaar soldaat was en zyn vaderland diende Hy was by den veldtocht van 187071 geweest en ook by de inname van Parys Hy kwam er niet gauw toe om over dien tyd te spreken maar zoo nu en dan als de jonge soldaten en officieren over hun eigen soldatentyd zaten op te scheppen voelde hy zyn oude hart weer vlugger kloppen Zoo was het ook nu Ik ging aan hun tafel citten en luisterde aandachtig naar de verhalen Ja dat was by Lille Den heelen morgenen den heelen middag hadden we in de brandende zon gereden Dat was heusch geen pretje Toen kwamen we eindelyk aan een boerdery Daar zguden we overnachten De boerhad juist een paar kippen geslacht En wy Wy waren meteen uit het zadel We gaven d paarden hooi en water En toen hebben wegegeten Twee kippen per man Dat was eenfeest Ik weet nog niet hoe we dien nachtop onze matrassen zyn gekomen En toen om rie uur in den mor n werd er alarfti geblazen Wy weer opgesprongen in onze laarzen en in het zadel En toen de molenaar trok eens goed aan zijn pijp toen hebben we wéér gereden Den heelen morgen en den heelen middag jn de gloeiende zon Dat was heelemaal niet leuk En later kwamen we by een boer die juist een varken had geslacht We klommen uit onze zadels en gegeten dat we toen weer hebben Zooiets heb je nog nooit meegemaakt We vielen als blokken op onze matrassen en sliepen als marmotten En toen om drie uur in den nacht werd er alarm geblazen We sprongen óp onze paarden en reden weer We reden weer den heelen morgen en den heelen middag tn de xon De Jonge officieren stootten elkaar eens aan Zy probeerden hun lachen in te houden maar de drogist begon plotseling heel hard te schateren De molenaar keek even aarzelend om zich heen toen nam hy nog eens een flinken slok uit zyn glas trok een pasr maal aan lyn pypje en vervolgde rustig In Virginia leeft een neger die erg goed kan rekenen Lezen of schrijven kan Jiy echter niet Twee heeren die van zyn knapheid hadden gehoord lieten hem op zekeren dag by zich komen Ze vroegen hem o a hoeveel seconden ér in anderhalf jaar gingen Binnen twee minuten gaf hy het antwoord 47 304 000 Qp de vraag hoeveel seconden iemand had geleefd die 70 jaar 17 dagen en 12 uren oud was antwoordde hy binnen anderhalve minuut 2 210 500 800 Eén van de beèren die het op papier had nagerekend zei Niet zoo veel waarop de neger antwoordde dat hy waarschynlyk de We reden weer den heelen morgen en denheelen middag in de zon Tegen den avondkwamen we by een boerdery De boerinslachtte een gans voor ons We verzorgdeneerst onze paarden gaven ze drinken en etenen daarna kregen we een gansje een gansjelDaar is elke andere gans een kuiken bij Gegeten dat we hebben Als ik er nog aan denkiWe rolden op onze matrassen en sliepen meteen in Maar om vier uur werd er alarm geblazen en moesten we pr weer uit We sprongen op onze paarden en JToen knalden e allemaal los Het was ook wêrkeiyk te geki De tranen liepen ons over de wangen De molenaar keek verlegen om zich heen Hy begreep niet wat er te lachen viel Hy stopte met zyn duim wat nieuwe tabak in zyn pyp wachtte rustig tot we bedaard waren en ng toen verder Weer reden we Den heelen morgen denheelen middaf in de heete zon Het waa niet 6