Ih Zondag 16 Januari. N? 3496. 1887. Advertentieblad voor Gouda en Omstreken. Nieuws- en ICHE I IS BINNENLAND. IEK t j ONS 1HT HMA J ES loest en QtS HOLM, tl. 13 goudschecourant 1 Bij deze Courant behoort een Bijvoegsel. door den ongeteekende ten i ‘1 21159 inw. Zoodat de bevolking op 31 December 1886 het krank- het krank- iUt van 1 waarvan mr. Ök I JTHOORN. Vildb. Zij verminderde door vertrek met door overlijden met waarden itet, aan* Fd-Óepot i Utrecht. jM's Urn geeft Hing. In r 00. rmede in PWEKKENO SVERDRUVENQ E-DE TE ZWAKTE 796 LM, •ndeweg. JN, iwstraat. lu Zn. Bbimkku LOOT. DB. I. JRVMM. rkeuken. in. kND. r. NS van rer plant- itlnst niet langeuaam n doozen A. Lvïten, Med., Chir. et Art Obet. Doktor. Amsterdam, 11 Januari ’87. 9 verschuldigden gadering blijken moge, of de Minister zijn woord vergadering te heeft gestand gedaan, en door den ongeteekende ten onrechte over onrecht wordt geklaagd. Hetwelk doende, GOUDA, 15 Januari 1887. Mr. W. Hemaing, ontvanger der registratie alhier ia als soodanig benoemd te Dordrecht. Deze tijding zal ongetwijfeld met groot leedwezen in deze gemeente worden vernomen, daar hij niet alleen als ontvanger bij ieder die met hem in aanraking kwam hoog stond aangeschreven, maar tevens in verschillende betrekkingen, als raadslid, lid van de Commissie van Toezicht op het Lager Onder wijs enz. zich zeer verdienstelijk maakte. Loop der Bevolking van de Gemeente Gouda ge durende het jaar 1666.Op den 31 December 1885 telde de bevolking19244 inw. Zij vermeerderde in het afgeloopen jaar door vestiging met 1119 door geboorte met Men weet, dat Amerika het land is, waar alle godsdienstige sekten bloeien kunnen. Het Boed dhisme, die oude godsdienst der Hindoes, die nu nog millioen aanhangers telt in Thibet, China, Mon golië, Melanesië en Oost-Indië, schijnt zich ook te willen voortplanten in New-York en Brooklijn. In die beide steden toch maakt die oude heidensche godsdienst meer vorderingen dan men gewoonlijk vermoedt. Het is nu 14 jaar geleden, dat de Boeddhisten voor het eerst in New-York verschenen, en sedert dien tijd zijn hun gelederen zoo versterkt, dat zij nu twee goed ingerichte genootschappen vormen. Men zegt dat twee jaar geleden een geheimzinnig bezoe ker uit Midden-Azië gekomen is om het onderwijs der geloovigen te voltooien, en de beste van deze onderwijzen zelf het Boeddhisme en maken steeds nieuwe bekeeringen. Het schijnt zelfs, dat vele vrouwen dien voor Amerika nieuwen godsdienst met geestdrift bebben ^ngenomen Nog een jaarzegt men X en wij zullen te New-York een Boeddhistischen \empel hebben. William Judge, de uitgever van een theoso- flsch blad, is zelf Boeddhist. Hij geeft geregeld godsdienstige lessen tot voortplanting van het Boed- dhis™0- De Haagsche corr. van de wZutf. Ct." verhaalt, dat een hoofdambtenaar in de residentie op nieuwjaars dag tot eenigen zijner vrienden, die hem het com pliment van den dag kwamen brengen, sprak Wat beleven wij tegenwoordig toch treurige tijden! Het is jiu reeds zoover gekomen, dat een man als professor Buijs meedoet met Domela Nieuwenhuis en consorten. Als het dien weg op moet, dan is het maar beter dat Bismarck ons landje maar zoo schielijk mogelijk inpakt. Maar weet gij dat wel zeker waagde een dor aanwezigen op te merken. "Professor Buijs is toch vroeger nooit zoo rood geweest. Dan is hij veranderd. Ik verzeker u, dat ik gister zijn naam gelezen heb onder de vaste mede werkers van een Sociaal Weekblad. Gij bedoelt zeker het Weekblad Kerdijk als redacteur is opgetreden. Juist dat bëdoel ik. Maar dan vergist gij u, want het blad is vol strekt niet socialistisch, ja het eerste nummer was zelfs zeer gematigd geschreven. En waarom noemen zij het dan zelf sociaal P „Historisch, M. de R. voegt de schr. hierbij. „En geloof mij, de hoofdambtenaar staat in zijn on kunde volstrekt niet alleen. Voor velen is het soci alisme niets anders dan een spook, waarvan zij alleen - weten, dat het gevaarlijk kan worden voor orde en rechten het komt niet bij hen op, dat er een he melsbreed verschil is tusschen holle socialistische phrases en gezonde sociale denkbeelden. Evenals de min-ontwikkelden uit de lagere volksklassen gaan Een visch, die voeten heeft, is stellig een vreemd en wonderlijk dier. Zulk een zonderlingen bewoner der grondelooze diepte van den Oceaan heeft men onlangs gevangen. De Fonische Zeilung deelt het mede. Bedoelde zeehewoner bezit zooveel kwade eigenschappen, dat hij den naam draagt van zeedui vel. Naar zijn voeten heeft men hem bij zijn bena ming van Lohius piscatorius nog den toenaam van Prediculatorius gegeven. Welk een grage maag deze roofvisch bezit, leert ons Prof. Möbius te Berlijn. Volgens dien geleerde verslindt hij dagelijks minstens 60 pond, en zijn muil is gewapend met eenige honderden tanden. Het hier bedoelde exemplaar woog 137 pond, toen het aan de Holsteinsche kust werd gevangen, en be vindt zich thans in het museum van natuurlijke ge schiedenis te Berlijn. De ondergeteekende geeft met den eerbied zijn volgend beklag aan uwe kennen. De ondergeteekende doet dit in de hoop, dat het uwe Kamer zal mogen behagen hieromtrent eenig onderzoek in te stellen, waardoor het daglicht over zoovele zaken zal opgaan. Ten opzichte van mijn vorig adres is door uwe Kamer tot de orde van den dag overgegaan, dewijl een onderzoek als door mij gevraagd werd, niet tot hare werkzaamheden behoorde. De reden hiervan is mij duister. Misschien was het haar oordeel dat het alleen en geheel eene regeeringsdaad was, aan bet hoofd van het bestuur der binnenlandse,he zaken toebehoorende, en wel de noodwendige plicht van dat bestuur. Dat het onderzoek van een vermoedelijk onrecht iemand aangedaan waarvan het beklèg in mijn verzoek lag opgesloten buiten eiken werkkring zou vallen dat dit oordeel van uwe Kamer zou zijn is niet aan te nemen. Hierover nu (de handelingen van den Minister in deze) is het juist, waarover de ondergeteekende zich bij uwe vergadering beklaagt. Zooals in mijn vorig adres aan uwe vergadering is medegedeeld, heeft de arrend, rechtbank van Am sterdam mij, op het attest van een geneesheer, plat- lelands-heelmeester, die op zeven uren afstand van mij woonde en mij in geen zes weken had gezien, het vonnis gebeld zonder eenig onderzoek in te stellen dat men mij zou opsluiten in een krank zinnigengesticht. Zooals aan uwe Vergadering bekend is, gaat dit alles in stilte; de persoon, die van zijne vrijheid wordt beroofd, hoort er niets van. Zoo verliepen er na dit vonnis nog enkele *<Ug»n, om de maatregelen te nemen mij als een weerloos kind in 1 *"v zinnigengesticht te kunnen opsluiten. De taak schijnt met de doctoren van zinnigengWtiMit 'ten nauwkeurigste overlegd te zijn, ten minste zij werd geheel uitgevoerd door de sup poosten van het gesticht. In het krankzinnigengesticht te Zutfen aangeko men, konden de verstandigste redenen, de bedaard- ste handelingen, de wetenschappelijke betoogen dat het aannemen van krankzinnigheid bij mij onmogelijk was, niets baten om mij te doen ontslaan. En zooals in myn vorig adres aan uwe verga dering is kenbaar gemaakt, was het duidelijk voor nemen, mij voor myn leven opgesloten te houden. En nadat men dit denkbeeld hadden moeten opgeven, zou men waarschijnlijk nog tot op den huidigen oogenblik mij in het gesticht gehouden hebben indien mijn leven ook daar zoo lang had geduurd dewijl men mij niet wilde ontslaan, dan na onder curateele geplaatst te zijn, waartoe de on dergeteekende niet kon besluiten. Het schijnt dat de arrend.-rechtbank van Zutfen iets van het vreeselijke feit gehoord heeft, ten minste zij heeft een bezoek aan het gesticht gebracht en mij na een degelijk onderzoek daaruit ontslagen, tegen het advies van den eersten geneesheer van het gesticht en van den insp. dr. Ramaer, die waar schijnlijk meende met het hem eigen oordeel en begrip door zijn naam en functie alles te zullen dékken. Tot tweemalen toe heeft de ondergeteekende, na dit ontkomen aan het krankzinnigengesticht, zich aan den Minister van binnenlandsche zaken voorgesteld. Zijne laatste woorden tegen den Minister waren z/Zooals ik voor u sta, heeft men mij dertien maan den lang in het krankzinnigengesticht opgesloten gehouden." Een onderzoek naar het gebeurde kon niet uit blijven en werd daarop steeds door mij gewacht meer dan een jaar geleden verzekerde Zijne Excel lentie in uwe Kamer dit onderzoek te doen en dat zij het //hoor'en wederhoor dacht te betrachten." Geen enkele maal echter is in dit onderzoek de ondergeteekende gehoord. Het hoor en wederhoor kan niet dan eenzijdig geweest zijn. Hierdoor vindt de ondergeteekende zich zeer ge krenkt en in zijne rechten benadeeld. Hope dat het uwe vergadering behagen moge hier omtrent onderzoek te doen, opdat het aan uwe ver. bedroeg: 19358 inw. In het afgeloopen jaar zijn 137 huwelijken vol trokken en eene echtscheiding ingeschreven. Zooals uit het raadsverslag in dit nr. onzer cou rant blijkt heeft zich reeds een groot aantal sollici tanten voor de betrekking van Commissaris aan het stoombootenveer op de Vest aangemeld. Wij achten het nuttig belanghebbenden er op te wijzen dat van den te benoemen persoon gevorderd wordt eene borgstelling van 1000. In aansluiting aan een vroeger bericht verne men wij dat door de heeren A. J. Krieger te Medemblik en P. J. Hofman te Gouderak concessie is gevraagd voor den aanleg en de exploitatie van een spoorweg van Gouda over Schoonhoven naar Go- richem. Tn de Zondagavond gehouden vergadering van het Zieken- en Weduwenfonds Procidentia alhier is verslag tfitgebracht van den toestand der Vereeni- ging over het 12e boekjaar. Daarby bleek dat de staat der fmantiën gunstig is. Het kapitaal der Vereeniging bedroeg, met het sluiten van het 11e boekjaar 1181.43. Dit bedroeg met het slhiten Van het 12e 1449.97 (batig saldo //Zieken- en Weduwenfonds" ƒ251.99, batig saldo //Vereenigings- Jebouw" 16.55). Het aantal Donateurs, waarvan 6 overleden, ver- minderde met 15, tot eene bijdrage van ƒ30.50 en vermeerderde met 26 voor eene bydrage van ƒ52.50, «oodat hun aantal vermeerderde met 11 voor eene bijdrage van 23. Het aantal leden bedroeg bij het sluiten het boekjaar 386. De vaart tusschen Gouda en Leiden is gisterenmorgen geopend door de stoombooten der Leidsche stoomboot maatschappij de Folharding. Op sommige plaatsen in den Rhijn had het ijs nog eene dikte van 16 deci meter. Onder de gemeente Koudekerk werd de beman ning der booten met steenworpen begroet waardoor een der opvarenden eene wond aan het hoofd be kwam. Men was genoodzaakt om, wilde men verder «toornen, den bijstand der politie in te roepen. Do entree gelden ontvangen bij de jongste uit voering der zangvBreeniging ,/Apollo" te Zevenhuizen zijn na aftrek der onkosten geheel ter beschikking der armbesturen aldaar gesteld om daarvoor een extra bedeeling te doen. Het bedrag is ƒ90. Aan de Tweede Kamer der Staten-Generaal is door dr. Luyten het volgende adres gericht 1076 725 - 1801 TEEPE

Streekarchief Midden-Holland Kranten

Goudsche Courant | 1887 | | pagina 1