nff.' ier er >0N. CT. IB” k 85 Zondag 30 Januari. N? 3502. 1887. i-der ouda, [inenten, Nieuws- en Advertentieblad voor Gouda en Omstreken. BINNENLAND. JI DIXG ier - E. il-Agent. 1885. No. 85. ËN E. 73a. er beroemde van aanwgst Id is en dat :onder eenig te Gouda. at a 1 i 1 imen gewis- ide en het £.■298. zijn rjjkdom van Dr. A. 2o. de heer mr. C. Cook, hoogheemraad van Rijn- i en van GOÜDSCHE COURANT. GOUDA, 29 Januari 1887. VERGADERING van den GEMEENTERAAD. Dinsdag den 1 Februari 1887, des namiddags ten 1 ure. Aan de orde Het voorstel tot wijziging der begroeting het Israëlietisch Armbestuur dienst 1886. Het voorstel betreffende de aanstelling van eenen Directeur der Gasfabriek. De benoeming van eenen Commissaris der aan legplaats van de Stoombooten aan de Turfsingel- gracht. Te MoercapeJlo heeft zich eene commissie ge vormd uit het Gemeente-Bestuur met. het voorne men op ’s -Konings 70“ verjaardag een extra uit- deeling aan de arnien dier gemeente te houden. Het Gerechtshof te *s-Hage heeft1' gisteren het vonnis, tegen den jongeling uit Berkenwoude ter zake van moedwillige -mishandeling gewezen, met verbetering van de gronden bevestigd. De 70ste verjaardag van Z. M. den Koning zal I ook te Schoonhoven feestelijk worden gevierd. De gemeenteraad heeft eene «om beschikbaar gesteld om het stadhuis te illumineeren en om eene extra uitdeeling aan de armen te doen plaats hebben. Ook zijn in eene vergadering van belangstellenden tot. leden eener'feestcommissie benoemd de heerenD. Teijinck W. N. van Nooten, W. J. Telchuijs, L. F. Redeker, C. B. van Baaren, m. IJ de Kock, C. W. v. 'd. Kop, H. G. Geelhoed en W. Versteeven. Deze commissie doet nu eene poging om, door middel van eene inteekenjijst, gelden ter feestviering in te zamelen. Men schrijft uit ’s Graveuhage „De met ophef gepubliceerde telegrapn seld tuMehpn jhr. Elout van Soeterwou; GereformeeM Congres zouden deh iirdruk kunnen geven, alsof do heer Elout en de doleerende vrienden het volkomen eens waren. Dit mag zoo schijnen, maar de werkelijkheid is anders. Of begunstigt de heer Elout de pogingen der verdoolden, die ook te ’s Gravenhage’1 eene doleerende kerk zouden be- geeren Verre van dien. Het is hier ter stede geen geheim, dat de heer Elout) naast de reeds bestaande Afgescheidene Kerk (Christelijk Gereformeerde) voor eene doleerende dito weinig plaats ziet, en veeleer betwijfelt of zoodanige versnippering en scheiding van financieels krachten wel geoorloofd is. Ook wor den de godsdienstoefeningen in do Ned. Herv. kerk nog door den Heer Elout bezocht. (y«y. »-«.) In ons laatste Zondagsnr. maakten wij melding van het rapport uitgegeven door de Commissie van Arbeids-euquête en deelden eenige ijzingwek kende bijzonderheden diode, die uit. de vërhporen bleken van don hëer Kater, vëorattor va» „Patri monium", Ansingh e. a. beseffende de weinige zorg die sommige patroons voor hunne werklieden hebben. Spoedig daarop is echter gebleken dat men niet erg kon afgaan op die ongunstige verklaringen. Zoo had Ansingh verklaard dat de directie der Kon. Fabriek van stoom- en andere werktuigen te Amsterdam niets doet voor hare werklieden die een ongeluk krijgen. Naar aanleiding daarvan meldde het Nieuw» va» de» dop .- „Voor ons Verscheen, ongeroepen en ongevraagd, J. W. Bomer, vronw van J. H. Ochse, Saenredam- straat 25. Zij kwam op verzoek van haar man, bank werker aan de Kon. fabr. van St. en andere Werkt, (v. d. Made), thans wegens verwonding tehuis en zij deelde mede dat haar man met verontwaardiging kennis geriomen had van de verklaring van Ansingh. Hijzelf was een levend bewijs van het tegendeel. In Januari 1886 was hem een ongeluk overkomen, toen hg voor zijne fabriek eeue herstelling verrichtte in eene diamantslijperij in de Zwanenburgerstraat. Nadat hij naar huis vervoerd was, ontving hij al spoedig bezoek* van twee hoeren van de fabriek, die naar zijn toestand kwamen vernemen, en sedert dien tijd, dus nu reed.s een vol jaar, ontvangt hot gezin een on derstand van 8 per week. „De vrouw van Ochse verklaarde ons, in strijd met de mededeeling van Ansingh, dat het haar bekend is, dat de bedoelde directie zich veel gelegen laat liggen aan den toestand van hare werklieden, wien een ongeluk mocht overkomen zijn. Het geval van haar man staat ook niet op zichzelf. Aan den bankwerker Moone ik ook oens-wekelijksche onder stand toegekend al den tijd dat hij verpleegd werd, nadat hij een been gebroken had." Het bleef niet bij deze ééne tegenspraak. De scheepstimmerman H. Ruurs, wien in 1884 een ongeluk overkwam, verklaart dat hij de liefderijkste zorg en stoffelijke belangstelling ondervond van de zijde der Directie van de Kon. Fabr. v. Stoom- en andere werktuigen. K. Hoogenhout verklaart dat het door Kater en Ansingh vertelde „vuige laster" is, en deelt verschillende voorbeelden mede van onderstand aan lieden uit die' fabriek, zijn vader verloor het leven door het omvallen van een hijsch- kraan en zijne moeder geniet nn al 14 jaren oen onderstand van 3 per week. Zekere Eisenberger had bij zijn verhoor te kenpen gegeven dat de werklieden de geheels waarheid niet durven zeggen omdat hun patroon hen 'daarvoor later zou doen boeten. Door zjjn patroon, den heer Tetterode, hierover onderhouden, heeft hij zijn verklaring ingetrokken' en erkend dat hij gehandeld had naar den raad zyner geestverwanten om vooral te doen uitkomen dat de werkman niet vrij uit zou durven spreken uit vrees roor ontslag. Met zekerheid vernemen wij, dat onderscheidene loden van de Vrije Universiteit hun lidmaatschap hebben opgezegd. Daaronder ook een of meer Pro vinciale Agenten. Het is hun thans duidelijk gewor den dat die inrichting alléén beteekenis heeft als middel tot verwoesting der Kerk. Die verwoesting is door de bedoelde leden nooit bedoeld en zij wen- schen daaraan niet medeplichtig te zijn. Daarom heb ben zij hun verderen steun aan de Vrije Universiteit moeten onttrekken. Wij zouden hiervan geen gewag maken, ware het niet, dat de revolutiepartij derge lijke feiten stelselmatig verzwijgt, en tevens met ophef telkens mededeeling doet van buitengewone giften en gaven, die ten slotte blijken niet te bestaan. (Wag. JF.) Met de werving van troepen voor het leger in Ned. Indië moet het, naar luid van Vertrouwbare inlichtingen, zeer slecht gesteld zijn. Er bieden zich maar, zeer weinigen aan, en voor die enkelen zijn de eischen om aangenomen te*Worden zoo hoog gesteld, dat nauwelijks >/s daaraan voldoet. Nadat Woens dag een detachement van 44 man te Amsterdam embarqueerde, moeten de manschappen van het werfdepot te- Harderwijk, met inbegrip der invaliden, die in het hospitaal opgenomen zijn, ternauwernood het getal van 25 te boven gaan. Nu is 5 Febr. als dag aangewezen, waarop te Rotterdam 33 man moeten embarqueeren, als er nl. zich voor dien dag nog aanmelden. Het 14-daagsch verlof van den kolonialen militair vóór zijn vertrek uit het moeder land, moet dan ook reeds tot 3 dagen ingekrompon zijn, terwijl, niettegenstaande de aanvraag der mili taire autoriteiten uit Indië van 5000 man troepen in den loop van 1887, het contingent door de Re- geering op 2000 man ia bepaald. De Transvaalsche Kolkutem zegt bij een terugblik op het jaar 1886 het volgende „Het nu bijkans afgeloopen jaar is voor ons land en volk een zeer belangrijk en gezegend tijdvak ge weest Reeds bij zijn aanvang bleek het jaar 1886 betere vooruitzichten dan zijn voorganger te beleven. Het akelig nadeelig saldo in de Bank, waarmede volksraad en regeering zes maanden te voren niet weinig verlegen zaten, was bij het begin des jaars tot ongeveer een vijfde verminderd, om weldra niet alleen voor goed uitgewischt, maar omgezet te worden in Oen batig saldo, dat, naar ons verzekerd wordt, nu op ruim 60,000 kan geschat worden. Bij den aan vang des jaars beloofden de goudvelden in de ooste lijke en noordoostelijko streken des lands reeds aan merkelijk maar weinigen dachten toen dat zij zoo rijk zouden uitvallen als later wel gebleken is en dat midden in de republiek en aan onze westergren- zen ook goudvelden zouden gevonden worden, mis schien even rijk als die in^de buurt van de Kaap. In den loop des jaars verrees eene stad op de Kaap- sche goudvelden, terwijl eene streek van ruim veertig mijlen aan Witwatersrand bezet werd door tjjdelijke kampen van kleinere ofgrootere afmitingen en van min of meer blij vonden aard. Acht of negen plaatsen aan Witwatersrand werden tot publieke gouddelverjjen geproclameerd, en waar in het begin des jaars nog geen spade in den grond waé gesjoken, kan men nu mijnschachten zien van twintig, dertig, veertig en vijftig voet diep, om van opengegraven claims en dergelijke mindere mijnwerken niet eens te spreken. „Weldadig werkte de instrooming der nieuwe be volking op onze landbouwers en veefokkers, en op den handel en .andere vakken van nijverheid. Onze boeren kregen weer markten voor hunne producten, de handel begon te herleven, het vaste goed rees in waarde, ambachtslieden kregen weer werk, en de donkere vooruitzichteh van het vorige jaar weken voor het licht van terugkeerende welvaart in het land. De gezondheid der bevolking is betrekkelijk gunstig geweest, en geene bijzondere rampen of plagen heb ben het land bezocht. Wij hadden regen en zonne- •hijn op zijnen tijd, en ofschoon het een paar maan den geleden scheen alsof wij eene zware droogte zouden krijgen, is alle vrees daarvoor nu gelukkig' geweken door de milde en overvloedige regens, welke wjj in den loop dezer maand hebben gehad. „Het geheele jaar door heeft er vrede binnen onze grenzen geheerscht, terwijl onze betrekkingen met bnitenlandsche mogendheden onverstoord zjjn geble ven. Het vertrouwen in onze regeering en in ons land is' vermeerderd, en ofschoon het eenmaal door eene onvoorzichtige handeling der regeering dreigde ge schokt te worden, is dit door de latere verstandige houding der regeering gelukkig niet gebeurd. Natuur lijk zjjn er in den loop des jaars ook fouten gemaakt In het Archief «oor Nederlaudacke Kunetgetckiede- ni», onder redactie van den heer Fr. D. O. Obreen, schrijft de heer N. Scheltema een „laatste woord" over het geslacht Crabeth. Hij meent met zekerheid te kunnen zeggen, dat het hoofd van dit beroemde geslacht is een Pieter Dirx, ook wel genaamd Pieter Crepel, glasschilder, in 1531 te Gouda vermeld. De legende verhaalt dat Dirk Pietersz. Crabeth niet getrouwd is; de heer Scheltema deelt eene aanteeke- ning uit de Eigenboeken mede, waaruit het tegen deel moet worden afgeleid. Een en ander is de inleiding, tot eene verbeterde Geslachtslijst der Crabeths, waarin tevens onderscheidene nadere bij zonderheden omtrent deze kunstenaars zijn opgenomeu. Plaatselijke Comités ter bevordering van de be langen der tentoonstelling van voedingsmiddelen zijn reed» gevormd te Botterdam, Gouda, Haar-' lem, Dordrecht, Utrecht, Groningen, Zwolle, Beiden, Schiedam en Apeldoorn. Voor zooveel deze Cpmité» zb-h hebben gecon- stituteerd, zijn voorzitters en secretarissen de heeren M. Symons, L. J. Nooye n, te Rotterdam dr. II. Ussel de Schepper, H. Enno van Gelder, te Goudaprof. dr. J. Bosscha, D. De Clercq, te Haar lem; J. J. B. J. Bouvy, A. Van Droogen, te Dor drecht H. A. Van Beuningen, J. C. M. Van Eelde,- te Utrecht; jhr. mr. W. G. A. Alberda van Eken- stein, J. Wolthekker, 1jp Groningen. Dank zij het voortvarend, van ’s ochtend» vroeg tot ’s avonds 10 uur (met electrisch licht) arbeiden, is reeds nagenoeg het geheels geraamte van het hoofdgebouw voor <Je tentoonstelling verrezen. De president dor hoofdcommissie, de heer A. J. C. J. S. Bergsma, is naar Leipzig vertrokken, om de internationale tentoonstelling voor volksvoeding en kookkunst bij te wonen. (27.31 Januari). Onder de geleerden, die door de jury dezer tentoon stelling zijn uitgenoodigd, is ook prof. Forster van Amsterdam, (lid van de regelings-commissie voor de Amsterdamsche tentoonstelling). Aan 1. M. den Koning zal, ter benoeming van een dijkgraaf van het hoogheemraadschap Rijnland, ter vervanging van den overleden dijkgraaf, den heer S. De Clercq Wz., het volgende drietal wor den aangeboden, opgemaakt in.de vereenigde ver gadering van dat hoogheemraadschap, en wel lo. de heer J. van der Breggeu, hoqgheemraad van Rijnland, dijkgraaf van den Zuidplaspolder, lid van do Eerste Kamer en ridder in de orde van den Nederlandschen Leeuw land en lid van den gemeenteraad te Leiden 3o. i de heer T. P. Viruly, hoofdingeland Rijpland en lid van de le kamer, te Leiden. De voordracht voor onderwijzer aan de openbare school te Haastrecht bestaat uit de heeren J. Christiaanse van Leiden, M. Van -der Linde van Cqrtgene en W. M. C. Regt van Waddinxveen. Donderdag 3 Februari zal de heer Justus van Maurik, van Amsterdam, te Haastrecht eene spreek beurt in het Nut rorvullen.

Streekarchief Midden-Holland Kranten

Goudsche Courant | 1887 | | pagina 1