EN H 8®r. N° 3535. 1887. BINNENLAND. Zondag 17 April. Nieuws- en Advertentieblad voor Gouda en Omstreken. 1 1 Is s. I Dz. JONS üCHK •4 r LES THMA irelten geeft icbtiog. In )LMs xx> De inzending van advertentiön kan geschieden tot één uur des namiddags van den dag der uitgave GOUDSCHECOURANT IVER. B|J deze Courant behoort een Bijvoeirsel. Gemeente mid, «ter. een scha- ons op die wijze Gouda De uitgave dezer Courant geschiedt ZON DAG, WOENSDAG en VRIJDAG. In ae Stad geschiedt de uitgave in den avond van DINSDAG, DONDERDAG en ZATER DAG. De prjjs per drie maanden is 1.25 franco per post 1.50. Hoest en jents. i HOLM, H. TEEPE l.OO. laermede in OPWEKKEND USVfRDRIJVENO MOEDE JOTE ZWAKTE I April 1.1., de Her steld: ezicht. MOW zijn-- zendt dsche, Qgrijke omaid okaten, IftaMO fAKUi. GOUDA. 16 April 1887. Ter benoeming van een leeraar in de wis- en natuurkunde aan het gymnasium te Amsterdam, wordt het volgende tweetal aanbevolen: dr. R. J. Escher, leeraar aan het gymnasium te Sneek en dr. J. 8. G. Gleuns, leeraar aan de rijks hoogere burgerschool te Gouda. ADVERTENTIÊN worden geplaatst van 15 regels a 50 Centeniedere regel meer 10 Centen. GROOTE LETTERS worden berekend naar plaatsruimte. Bovendien worden alle Ad vertentien gratis opgenomen in het ADVERTENTIEBLAD, ’t welk des Maandags verschijnt. Afzonderlijke Nommers VIJF CENTEN. Voor de acte lager onderwijs zijn geëxamineerd en toegelaten als onderwijzeres mej. E. Costeris, uit Moordrecht en mej. M. A. de Graaff uit Gouda. Bij de aanbesteding te Utrecht van de levering ten behoeve van het bureau der staatsspoorwegen van verbruiksgoederen, in 4-4 perceelen, gesplitst voor de magazijnen Zwolle en Tilburg, waren onder anderen laagste inschrijvers: voor tonwsoortende hh. Van Galen te Gouda, ƒ437 en ƒ957; voor hennip diezelfde heeren voor 579 en 1194. Naar wij vernemen zullen hh. officieren, onder officieren en korporaals van het alhier in garnizoen liggend 5e bataillon 4e Reg. Infanterie van 19 tot 23 dezer deze gemeente verlaten, tot het houden van eene kader-manoeuvre aan de Holl. waterlinie. Gisterenmorgen, te 3,/l uurr is in de St Pietersteeg I P’JP., vooruif» in de Nes te Amsterdam in een slaapstee, vlak tegen- 10 Zlin “ansc“ over het politiebureau, een herige brand uitgebarsten, die o.a. het ontzettende gevolg had, dat vijf personen jammerlijk in de vlammen zijn omgekomen en nog twee worden vermist. De anderen, in het aan wezigde slaapgasten waren 45 in getalzijn nalf naakt het politiebureau binnengevlucht. Het geheele perceel is uitgebraad. Drie handspuiten, twee stoomspuiten en de <7aw t>, d. Heijden waren noodig om de volkrijke buurt voor verdere onheilen te behoeden, waarin zij gelukkig zijn geslaagd. Wèl hebben verscheiden perceelen belangrijke schade bekomen, maar do brand werd beperkt tot het perceel, waar hij is ontstaan. Veel losse mannen werden door de brandweer gerequireerd en boden bereidvaardig hun hulp, daardoor mede bijdragende, tot de betrekkelyk snelle blussching van de met kracht om zich heen grijpende vlammen. Hoe jammer, dat zulk een droeve ramp duw op de feesten moest komen werpen! De middag-oditie van het Handelblad bevat de volgende nadere bijzonderheden: In het perceel is een groot logement gevestigd. Er waren 46 gasten, en met de overige inwonen- den 59 personen in huis. De oorzaak van den brand is onbekend, maar zeker is ’t, dat de vlammen plot seling uitsloegen, en dat van boven tot beneden de drio verdiepingen in lichte laaie stonden, toen de brandweer kwam. De logeergasten ontkwamen voor het grootste ge deelte, meestal met achterlating van alles, door deur en ramen: een van hen sprong uit de bovenste ver dieping, kwam in oen snijding en viel morsdood. De brandweer vond één verkoold lichaam, en op een kamer, die niet geheel was uitgebrand, een man gezeten op een stoel, blijkbaar door den rook gestikt en door de vlammen niet aangetast. Op een andere kamer vond men een lijk onder eön ledikant, ook niet door het vuur gezengd. Voorts werden twee mannen, die uit de ramen sprongen, gekneusd in het gasthuis opgenomen. Twee stoomspuiten werkten, benevens drie hand spuiten en de Jan van der Heijden, maar de brand weer vermocht niet anders dan de zich versprei dende vlammen, dié zelfs detegenover liggende woning van den concierge van het politiebureel aantastten, te beletten grootere schade te veroorzaken. Toen de brandweer kwam, hadden de vermelde onheilen natuurlijk reeds plaats gehad. De brand in de Gerard Doustraat woedde in de perceelen 178 en 180, waarin werkplaatsen en woon huizen. Hij ontstond door onbekende oorzaak; de werkplaatsen, beneden gelegen, zijn uitgebrand, de bovenverdiepingen zijn zwaar beschadigd. Hier werkten drio handspuiten, drie stoomspuiten en twee brandkranen. Van al dit materieel was niets noodig voor don brand in de 8t. Pietersteeg, zoodat die ramp zeker niet aan gebrek aan materieel en even tueel to laat aankomen der brandweer op laatst genoemde plaats was te wijten. Het eerste alarm van uitslaandenbrand word van het tegenover liggend politiebureel gegeven te 3.23, de eerste spuit was te 3.27 ter plaatse en werkte dadelijk. De politie was reods druk bezig met het reddingswerk, en men vermoedde toen dat slechts één persoon in het beknopte gebouw, waar de logeergasten in luttel kamers waren opeengepakt, was achtergebleven. De brandwacbts drongen naar binnen, de straal- maar het vreeselijko onheil was reeds in zijn ganschen bedroevenden omvang geschied. Blijkens op 10, 11 en 12 dezer van den Gouver- neur-Generaal van Nederlandsch-Indië ontvangen telegrammen is op 4 dezer eene bende van 150 vijanden binnen onze linie in Groot-Atjeh geslopen. Na een hevig gevecht met onze troepen vluchtte de vijand, die 33 dooden bekwam, waarvan hij er zeventien op het terrein achterliet. Aan onze zijde sneuvelden vijf minderen en werden gewond dertig minderen, alsmede drie officieren, kapitein Buys, en de luitenants Cornelius en Van Deventer, de beide eerstgenoemde zeer licht. Van de gewonde mindere militairen zijn er later nog zeven overleden. De toestand der overigen was gunstig. Het Dagblad" voegt hieraan toe: Er moet helaas weer bitter gevochten zijn bin nen onze kleine linie in Groot-Atjeh. Wanneer de Gouverneur-Generaal zich de moeite geeft, er drie dagen achtereen telegrammen over te zenden, dan moet het wel iets van groote beteekenis wezen, daar wij ten opzichte van zg. kleinere feiten, maar die heel wat beduiden, ons aanhoudend moeten tevre den stellen met hetgeen de Indische pers ons brengt. Op 10, 11 en 12 dezer telegrafeerde de Gouver neur-Generaal wat 8 dagen vroeger in Groot-Atjeh was voorgevallen. Wy nemen aan, dat deze tijd ruimte van 8 dagen noodig was om de juiste feiten te recapituleeren. Op de feiten zelf komt ’t helaas aan en daaruit blijkt maar al te zeer de ongeëven aarde driestheid van den vijand, met wien wij reeds zoolang geleden «vrede" sloten in onze verbeelding, om ons op ons eigen en afgepaald gebied te komen bestoken. De vijand bleek ten slotte gevlucht te zijn, maar bloedige sporen liet hij achter ook in onze gelederen. Een dankbaar gevoel vah smart overmees tert onsmet hun bloed hebben onze dapperen weer den aanval gewroken, maar zullen wij voortgaan, ons op die wijze aan de moreele vernedering door den Atjeher te blijven blootstellen? In den loop der maand Augustus zal te Lekker- kerk of te Slikkerveer een zeilwedstrijd worden ge houden op aanmoedigende voorwaarden. Het plan gaat uit van de heeren Willem Smit en B. Pot Azu., die het zullen uit voeren, hetzij op zich-zelven of in aansluiting met de Vereeniging IMerkerk. De wedstrijd is uitsluitend bestemd voor kleine zeiljachten, niet langer dau 5 nieter, tnsschen twee loodlijnen gemeten, onverschillig van welken vorm, zelfs niet met uitsluiting van zoogenaamde waterschoenen of dubbelbooteu. De voorwaarden komen in hoofdvaak hierop neer, dat aan den winner een prijs zal worden toegekend gelijk aan de waarde van zijn boot zoodat daardoor voor liefhebbers de gelegenheid aannemelijk is, zulk een zeiljachtje, meestal ook voor roeien geschikt en derhalve vjor den verkoop of eigen gebruik doel matig, naar zijn beste krachten te doen bouwen. Volgens deskundigen is een dergelijk bootje, com pleet getuigd, te maken voor 300, en stellen de heeren Smit en Pot daarom den prijs op dit bedrag vast. De verwachting is, dat hierdoor een goed aan tal zulke kleine zeilvaartuigen van Verschillende vorm, doch van precies de zelfde lengte, op risico van te winnen, zullen worden gebouwd en deelnemen aan den strijd, terwijl gelijktijdig een niet onbelang rijke ondervinding zal worden opgedaan aangaande Het «Geïll. Politie-Nieuws" bevat het volgende schrijven uit Gouda: De le Paaschdag zal de jongelui J. v. d. L., J. De V. en H. J. Th. K. alhier, lang heugen. Nadat de twee eerstgenoemden van eene receptie waren gekomen en nog hier en daar even- aangelegd hadden, besloten zij hun vriend K. (bovengenoemd^ met een bezoek te veroeren; deze was onmiddelijk bereid mot de vrienden uit te gaan en zoo doende kwamen zij al dooiende, (inmiddels leelijk beschon ken) aan het station terecht. Het voorstel, om eens een kijkje op het perron naar het reizend publiek te nemen vond ingang, doch daar zij in een te abnormalen toestand verkeerden, werd hen door den chef de toegang geweigerd. Hierover gebelgd, begonnen zij zich te verzetten en wel dermate, dat zij den stationschef, den heer B. eenige slagen toebrachten, die aan neus en oog nog al in het oogloopende kenteekenen achterlieten, terwijl de laatst bijgekomen vriend K. (een hospitaalsoldaat) van zijn sabel gebruik maakte, om eenige ruiten stuk te slaan. De soldaat K. werd door een paar gegradueerden verwijderd en de twee andere belhamels door de politie naar het bureau gebracht. Te *s-Gravenhage is op de Toussaintkade, voor het huis van den Heer Bosboom en wijlen Mevr. Bosboom-Toussaint, door den Haagschen Gemeente raad een eenvoudige gedenksteen geplaatst, met het opschrift: «Hier woonde en stierf op 13 April 1886 A. L. G. Bosboom-Toussaint." Woensdag, op den eersten verjaardag van baar overlijden, is deze steen onthuld, in tegenwoordigheid van het Gemeentebestuur, waarbij de Burgemeester Mr. J. G. Patijn het woord voerde, en de Heer Bosboom in hartelijke bewoordingen zijn dank uit sprak.

Streekarchief Midden-Holland Kranten

Goudsche Courant | 1887 | | pagina 1