lZEN, geschilderde anskerk te nis der St. iingen,enz. ijk levens- Gebroeders bcth, lts. INKMAN. BINNENLAND. Zaterdag 12 October. N? 4042. merk IT. Sk i cis, 45 cl, terij. i liefje, estervoort. 71/, uur. n. ;gen”. :el. 1880 Nieuws- en Advertentieblad voor Gouda en Omstreken. FEVILLETOÜ. Gabrio en Camilla. GÜILIO C A R C A N O. De inzending van advertentiên kan geschieden tot één uur des namiddags van den dag der uitgave. ■g-7L - I t r I A 40p 400. 921, 18030, 75i Zoon AN Bat. Maat- lager. Bui- lauw. Nash- 317 319 320 De uitgave dezer Courant geschiedt dagelijks met uitzondering van Zon- en Feestdagen. De prgs per drie maanden ie 1.25, franco per post 1.70. Afzonderlijke Nommers VIJF CENTEN. Bovendien worden alle Advertentien gratis opgenomen in het ADVERTENTIEBLAD 't welk des Maandags verschjjnt. 10 October. '<7- 1889. leelisten. Per. ran GOUDSCHE courant. AD VERTENTIEN worden geplaatst van 15 regels a 50 Centen; iedere regel meer 10 Centen. GROOTE LETTERS worden berekend naar plaatsruimte. Tot onderwijzer aan de openbare lagere school te Moordrecht is baafoemd de heer H. Speüer, te Dirksland. Men schryft uit het Westland De late appelen en peren wordeh thans druk geplukt. De bellefleurs geven bij de meeste tuinders niet meer dan een half beschotsommigen, die jonge boomen bezitten, hebben nog een vol gewas hangen. Jolige boomen geven hier dit jaar alleen voldoende; dit is voor alle vruchten waar. Zij schijnen de tegenspoeden van 1888 het beet te hebben kunnen verduren. De meeste bellefleurs zijn aan de opkoopers verkocht voor f 8 die ze „vrij" hebben, behalen bij de hooge markt thans aanzienlijk voordeel. Er is veel vraag naar appelen voor Frankrijk en Duitschland voor ft. De kleiperen geven nog slechter beschot dan de appelen, waardoor de prijs in de vorige week reeds tot 5 liep. In het algemeen zijn ook de andere peersoorten in het gewas beneden het middelmatige gebleven. De qualiteit van appelen en peren is echter uit muntend; de vruchten zjjn goed volgroeid en vol komen gaaf, waardoor zij het ruwe weder der laatste September dagen konden doorstaan, zoodat de tuinders door afval niet veel schade leden. bewoners dood waren, en het goed aan niemand toebehoorde. Haar vader en moeder dachten er niet aan, evenmin als zij dachten aan haar wier eenige schuld daarin bestond, dat zij de eerste oprechte genegenheid des harten had vastgehouden. En zij waren, misschien voor altijd, ver van haar, ver van den eenigen zoon, op wien zij eens al hunne hoop gevestigd hadden; zij wachtten in eenzaamheid de jaren af, waarin de kring steeds kleiner wordt, en men zoo veel meer behoefte heeft aan de dierbaren, die zijn overgebleven. En, treuriger was het nog, te moeten denken, dat zij, na gewoon te zjjn geweest aan een rustig leven, omringd van alle weelde en gemakken, nu in dien moeielijken toestand waren, die een ommekeer der fortuin altijd veroorzaakt; en dat in die jaren, waarin men meer behoeften heeft, dan vroeger. Dan was er nog iets, dat haar kwelde. Sedert meer dan een jaar had zij geene tijding ont vangen van haar broeder, die vroeger zoo zeer aan haar gehecht was; en wat zij er toevallig van ver nomen had, of opgevangen uit gesprekken, die echter steeds afgebroken werden als men haar zag, was wel treurig. Door zjjn zorgeloos leven, zijne ge hechtheid aan het spel, en zijne minnarijen indien ten minste de geruchten waarheid behelsden ver spilde de jonge officier niet slechts zijne krachten en zijn leven, maar ook het overschot van zijn ver mogen, en bracht de eer van zijn eigen naam, en die zijner familie in gevaar. Maar waarom had Gabrio haar nooit iets daarvan gezegd? Zijn stil- GOUDA, 11 October 1889. Hij kon. besluit van 9 Oct. zijn benoemd tot kan tonrechter te Gouda mr. D. J. van Heusde, thans grif fier bij het kantongerecht aldaar en tot kantonrechter te Schoonhoven mr. J. K. van Weel, thans griffier bij het kantongerecht te Oud-Beieriand. het gevecht van den 26en Juli eene batterij met zwaar ves- om Kota Toewankoe en andere omliggende bentings van den vijand te vernielen. Over de feiten van den 26en Juli jl. sprekende, werd ook hier ter sprake gebracht een voorbeeld van trouwe plichtsbetrachting van het trampersoheel op dien dag. Da ingenieur Van Dorp, die zich op dien dak onver- Hen verhaal uit Milaan DOOB Frp naar het Italiaantch DOOB VANESSA. 74) XXL Kort daarop verontschuldigde hij zich, dat hij haar moest verlaten, en toen hij wegging zag hij Laodice nog onbewegelijk bij het tuinhek staan; hare oogen waren stijf op den weg gericht, waarlangs Gabrio heen gegaan was, doch de abt zag de tranen niet, die langs hare vermagerde wangen vloeiden. Toen Gabrio van de zijnen afscheid nam, en de hand van zijn vriend drukte, had hij haar zelfs geen blik toegeworpen. Toen het geheel donker was vond Camilla haar op dezelfde plaats op het gras zitten, inet de elle bogen op de knieën geleund, en ’t gelaat in de han den verborgen; zij had Camilla niet mooren aan komen. Verschrikt sprong zij op, toen deze haar aanraakte; hare oogen stonden nog vol tranen. Ca milla zag het, doch, wat zij ook deed, het gelukte haar niet, om de oorzaak van die tranen te ont dekken. Haastig droogde het meisje hare oogen af, stond op, drukte Camilla stuipachtig de hand, en keek haar toen uitvorschend aan. De uitdrukking van hare oogen was echter zoo vreemd, dat Camilla er van schrikte. Het meisje werd spoedig weef kalm, en gaf door teekenen te kennen, dat het laat werd, en zij dus naar huis moest terugkeeren. Camilla liet haar heengaan, maar kon haar zon derling gedrag maar niet vergeten, dat hare ziel met onbestemde vrees had vervuld. Zij ging vroeg naar hare kamer, waar ook het wiegje van haar kind stond. Toen het rustig sliep, ging zij naar het balkon, opende zacht de deur, en ging naar buiten. Daar was alles rustig. Achter het donkere kas- tanjeboschje dat langs den tuin liep, zag zij, door het nachtelijke nevelfloers, op de helling van den heuvel de zwarte gebouwen van het kasteel, die duidelijk afstaken tegen den door de maan verlichten hemel! Hare treurige gedachten dwaalden daar rond: haar gansche hart was diiar. Er zijn van die uren in het leven, waarin elk voorbijsnellend oogenblik, eene wereld van herinneringen in ons opwekt, enl wij al de jaren, die zijn voorbij gegaan, weer doorleven, in een enkelen ademtocht, in ééne enkele zucht. Camilla leunde, in gepeinzen verdiept, op de ba lustrade. Daar, tusschen die oude muren, was zij begonnen te leven, en liefhebben; en nu stond het kasteel al bijna twee jaren lang gesloten, en de tuin was verlaten, en de heuvel was eenzaam, afsof de 6316 18809 63!0 18817 63 )9 18840 6417 18915 6607 18982 6613 19029 67.8 19145 6735 19224 6935 19262 6936 19447 7035 19460 7031 19467 71(9 19484 731|9 19497 74l|2 19518 75Ö5 19563 4 19600 7637 19662 77W 19775 7796 19798 7891 19801 7963 19936 1018 20009 3153 20291 3163 20315 20517 20675 20770 122^ 20850 1333 20875 1340 20928 moeid, nu te Kota Badja, dan weder te Faken Kroeng Tjoet bevond, om den loop der treinen te regelen en voor overvulling der waggons te waken, heeft met behulp van zijn personeel, de heeren Bidee, Kruger en den monteur, de 50 extra-treinen, die op dien dag geloopen hebben, zoodanig geregeld, dat de dienst der gewone treinen niet behoefde gestaakt te worden. Slechts de gewone trein van Kota-Badja naar Oleh- leh des n.m. om 6 uur ging op dien dag een paar uren later. r Ook het lofwaardig gedrag van den officier van ge zondheid dr. V. Lehmann is meldenswaard. Terwjjl de kogels hem langs de ooren floten, was hij steeds daar, waar zjjn plicht hem riep. Telkens door ’s vijands vuur gaande om de verspreide gewonden te verbinden en verder te doen vervoeren, heeft hij getoond waren moed te bezitten. De dienst van den geneeskundigen dienst in het hospitaal is thans zwaarder. Behalve bij de vele ge wonden, bori-beri- en koortslijders, wordt de hulp der geneesheeren ook ingeroepen bij choleratijden die aanhoudend naar het hospitaal worden vervoerd. Deze ziekte heeft sedert den 9den Augustus tal van offers geëischt. Ook de marine heeft haar deel gekregen. De Bandjermaein ligt met de gele vlag in top op de buitenrede te Oleh-leh. Niettegenstaande het bezoek van die vreeselijke ziekte en de daardoor ontstane neerslachtigheid, heeft de Hollandsche en Duitsche tooneelverqeniging gele genheid gevonden, eene voorstelling te geven, waar van de recette bestemd werd voor de gewonde kameraden. De voorstelling was goed bezocht, en de recette ook naar wensch. Wederom hebben tweede dwangarbeiders, die des nachts de trambaan moesten bewaken, eene door de Atjehers aangelegde granaatmijn van 12 cM. ontdekt op den 6en en ons alweder behoed tegen eene ver nieling der baan tusschen Lamdjamoe en Blang. Het 30e jaarverslag van het Nederl. gasthuis voor behoeftige ep minvermogende ooglijden te Utrecht, dezer dagen Verschenen, is opgedragen aan de nage dachtenis van prof. Donders, wiens fraai gelijkend portret op de eerste pagina prijkt. Het verslag wordt door prof. H. Snellen uitgebracht, die sedert 1853 met Donders heeft samengewelkt. Wat de stichting van dezen grooten geleerde voor de lijdende menschheid is geworden kan bijken uit het aantal patiënten, die er verpleegd werden. In het eerste tiental jaren beliep dit getal gemiddeld 1260, in het tweede tiental 1738, het derde 2556. In 1888 bedroeg het getal patiënten 3037. Het getal consulten beliep 21768, d. i. verdeeld over 310 werkdagen, gemiddeld 70 consulten per dag. Het verslag brengt een woord van lof aan het personeel der stichting. In de behoefte aan een gebouw, waar reeds in 1882 door Donders op gewezen werd, kan worden voorzien, zoodra genoegzame fondsen aanwezig zijn, daar reeds een terrein in het Storre- bosch beschikbaar is. Prof. Snellen doet een beroep op den liefdadigbeidszin van het Nederlandsche volk om in deze mede te werken. Aan berichten uit Atjeh (Kotta Badja) is het vol gende ontleend: De vijand toont thans zijn overmoed. De posten worden drukker, heviger en met meer succes beschoten. Er zijn zelfs berichten, dat hij de een of andere ban ting zal afloopen en ook onze hoofdvesting zal aan vallen. Als een gevolg van zal te Kota Pohama tinggeschut verrijzen,

Kranten Streekarchief Midden-Holland

Goudsche Courant | 1889 | | pagina 1