tebuggehoepeïï I 7EB ML Nieuws- en Advertentieblad voor Gouda en Omstreken. BINNENLAND. Vrijdag 25 Januari 1895. 33ste 'Jaargang. No. 6566. I INDT FEUILLETON. IM- eist. JN, nd met k fl.90 I (peller. qieller. (peller. 1 IS van den (anten, P van bet een Monsters. 30 1 55 25 nu» Zoo» dijk, te verkrjjgen. De kapt, plaatselyke adjudant J. L. Furnée wordt 1 Februari overgeplaatst van Wiericker- scbans naar Amsterdam. tarkt A 144b )N, apotheker ICTIE van lenen, gevormd. teit. rijzen, abriek hoesten, tdemings- bewezen. i wanne bevelens- >n. 15 cent tide JHE 1 OÜDE IMMER te: CAP. DOOB HUGH CONWAY. •WmmEMM tr by ERS Jz. van echtheid ia irk steeds voor naam der Firma E. in het werk te stellen, en tuinbouwproducten <an Jicht, n, kartom •den tegen huisgeaia de flaach. ten en by eeue commissie gevormd OUDSCHE MBMNT. De Uitgave dezer Courant geschiedt d a g e 1 ij k met uitzondering van Zon- en Feestdagen. De prijs per drie maanden is 1.25, franco per post 1.70. Afzonderlijke Nommers VIJF CENTEN. Hofrad en Do demon nam alles in beslag, en liet mij niets dan duisternis, duisternis en nogmaals duisternis I De dood immers was verkieselijker, wellicht zou ik ontwaken in een nieuwe wereld van lichtde sombere roode gloed van 't rijk der dooden, den Hades, is zelfs nog verkieselijk boven de duisternis in deze wereld 1 zoo riep ik uit in mijne wanhoop. Deze laatste sombere gedachte moge den zielstoe- stan schetsen, waartoe ik vervallen was. De waarheid is, dat ik mij opzettelijk voorgenomen had, hopeloos te zyn, hoewel alle hoop mij toch nog niet benomen was. Jaren achtereen had ik gevoeld, dat mijn vijand op mij lag te loeren. Wanneer ik op eenig schoon voorwerp staarde, een prachtig tooneel aanschouwde, welker aanschouwing de gave des ge zichte dubbel deed waardeeren, dan was het mij soms alsof ik een fluisterende stem achter mij hoorde, die zéide«te eeniger tyd kom ilé weer, en dan is het uit met dit alles”. It trachtte wel over mijne vrees te lachen, maar met dat al kon ik het voorgevoel van naderend onheil niet van mij afzetten. Mijn vyand had ■dj eens reeds een staaltje gegeven van *tgeen hy vermocht, waarom niet een tweeden keer? Zyn eersten aanval, zyn eerste verschijnen, kan ik ADVERTENTIEN worden geplaatst 15 regels a 50 Centen; iedere regel meer 10 Centen. Groote letters worden berekend naar plaatsruimte. jongens den gebeelen dag 5 ets. en na 9 uur »t>or volwa sen mannen 10 ets. en voor vrou wen ten hoogste 20 ets. Inzending van Advertentiën tot 1 uur des midd. mijner beschikking wat ik redelijkerwijs wenschen kon, pakte mij die vijand thans aan. Hij kwam snel veel sneller dan gemeenlijk in zoo danige gevallen toch kon ik vooreerst het ergste nog niet geloovenik kon mij maar niet voorstellen, dat de toenemende dofheid van ’t waas, waardoor ik allo dingen zag, niet van zelf weer over zou gaan. Ik was honderde mijlen van huis, in een land waar *t reizen, langzaam ging, en daar een vriend met mij reinle, wilde ik hem niet zyn genot benemen door een spoe dige terugreis. Weken achtereen zeide ik er hem zelfs niets van, hoewel ik week aan weok moedeloozer werd. Ten laatste echter, toen ik de kwaal niet langer ver bergen kon, zeide ik het mijnen reisgenoot. We keer den toen huiswaarts, en toen wij weer tri Londen wa ren, en de lange reis achter den rug hadden, was ik niet in staat iets meer te onderscheiden. Ik kon het licht zien, dat was alles. Ik haastte mij, om mij bij den heer Jay te vervoegen. Hij was uit de stad. Hy was ziek geweest, zeer ernstig zelfs. Hij was voor twee maanden absent, en zou geene patiënten zien, voor bij geheel hersteld was. Ik bad al mijn hoop op dieij man gesteld. Er waren natuurlyk andere bekwame oogartsen in Londen, in Parijs en andere hoofdstedenmaar ik had mij in 't hoofd gezet, dat, als ik gered kon worden, het alleen dokter Jay was, die mij redden kon. Wie op de galg zit, kan zijn galgemaal kiezen, zegt men, zoo had ik natuurlijk het recht om mijn oogarts te kiezen. Zoo besloot ik met mijn kwaal te blyven zitten, totdat de heer Jay zijne praktijk hervatte. (Wordt ooroolffd.) mij nog zeer goed herinneren. Ik was toen een dar tele schooljongen, zoo geheel ingenomen door spelen en leeren, dat ik er nauwelijks notitie van nam hoe zonderling dof mijn ééne oog werd, en hoe vreemd dat oog er begon uit te zien. Ik herinner mij, dat de vader van dien dartelen jdngen hem meenam naar Lon den, naar een groot somber uitziend huis, in een zeer stille straat. Ik weet nog, dat we lang zaten te ach ten in eene groote kamer, waarin verscheidene andere menschen waren, die meerendeels met groene kleppen boven de oogen, of doeken daarvoor gebonden, in *t rond zaten te wachten. Het was zefs eenigszins akelig om te zien, zoodat ik blij was, toen we in eene an dere kamer werden geroepen, waar een vriendelijk man zat, dien mijn vader mijnheer Jay noemde. Deze heer legde iets op mijn oogen, dat ik nu weet dat belladonna wasik kon toen niet eens, voor een korte poos, veel beter ziendaarop keek hy met groote glazen en spiegels in mijn oogen ik weet nog boel goed, dat ik wenschtte, dat hij mij zoo’n groot glas mocht geven, om door te kyken en wat een heer lijk brandglas zou ik dan gehad hebben 1 Toen zette bij mij met den rug naar ’t raam, en hield mij eene aangestoken kaars voor ’t gezicht. Ik vond dat alles heel grappig, en zou wel lust gehad hebben, om er om te lachen, indien myn vader niet zoo buitengewoon ernstig gekeken had. Toen de heer Jay zyn onderzoek geëindigd had, zeide hij tot mijn vader: «houd de kaars ook eens, juist zooals ik die gehouden heb. Houd haar eerst eens voor het rechter oog. Nu, jonge heer; wat ziet gij? Hoeveel kaarsen? meen ik.” «Drie in ’t midden een kleine, heldere, maar ondersteboven.” «Goed, nu met het andere oog. Hoeveel nu?” B. en W. hebben, naar wjj vernemen, aan den ondernemer van het Volkszeebad te Sche- veningen, op zijn verzoek, opnieuw vergunning verleend voor het exploiteeren van zyne in richting en daaraan nu ook vrouwen-baden te verbinden, doch onder eenige voorwaarden in het belang van de veiligheid der baders en van de openbare zedelijkheid. Hij moet een voldoend en geoefend personeel aanstellende badwagens voor mannen en vrouwen moeten op een behoorlijken afstand van elkaar ter weerszijden van den vuurtoren, en onder toe zicht der politie, worden geplaatstde onder nemer zal een reddingsboot, reddingslynen en andere toestellen moeten aansehaffen, en het tarief is als volgt vastgesteld: van 5 tot 9 uur ’s ochtends algemeen 5 ets per bad, voor GOUDA, 24 Januari 1895. De vergadering van Zondagsrust op Woens dag 23 Jan. gehouden is verdaagd. E n klein getal hoorders slechts was opgekomen. Waar lijk, de straten en de wegen, wind in aanmer king genomen, behoefde men er zich niet over te verbazen. Die gekomen waren, waren zeker alle driekwart of geheel voorstanders van Zon dagsrust; een twyfelaar of een halve trotseert znlk weder niet. De meeting zon dus haar doel hebben gemist, de geachte spreker voor die avond beloofde by een eerste aanmaning op ’t appèl te zyn en met een vriendelyk woord van den voorzitter gingen de vergader den uiteen. Zondag 27 Januari 1895 zal van wege de aNederl. Roomsöh Kath. Volksbond* afdeeling Gouda, eene Algemeene Vergadering plaats hebben des avonds ten 7j uur, in de zaal »Kunstmin« der Sociëteit »Ons Genoegen*, als spreker zal optreden de Zeereerw. Heer Pastoor G. W. Konings, van Amsterdam, Cen traal Adviseur. De onderwijzer H. Myn vader was zeer ernstig »n opmerkzaam. «Ik zie er maar een,” zeide ik, «de groote.” «Dit noemt men de catoptrische proef, het wordt weinig meer gedaan, maar zij is onfeilbaar. De jon gen lydt aan lenticulaire cataract.” By den naam van zoo’n vreemdklinkende kwaal T0rK’n? my alle lust tot lachen- Ik keek mijn vader aun, maar zag, tot mijne verwondering, dat hy niet meer zoo byzonder ernstig scheen. «Kan dat geopereerd worden vroeg hy. «Zeker,” antwoordde de heer Jay, «tnaar het komt mij voor, dat zoolang het andere oog niet wordt aangedaan, het boter is er niets aan te doen.” «Bestaat er gevaar voor ’t andere oog?” «Er bestaat altyd gevaar, dat de kwaal zich mee deelt aan ’t gezonde oog, maar zeker is het niet. Als bet gebeurt, kom dan terstond weer bij mij. Goeden morgen I” Met een buiging liet de oogarts ons uit, en ik ging weer naar school, en hoewel binnen een jaar tijds mijn zieke oog geheel dof was geworden, gaf ik er niet veel om, want ik had er volstrekt geen pijn aanmet het goede oog kon ik genoeg zien, dacht mij, bij ’t geen ik te doen had. Toch herinnerde ik mij steeds ieder woord van het onderzoek bij den oogarts, hoewel ik na jaren er eerst het gewicht van begon in te zien. Eerst toen negens een accide it aan mijn goede oog daar een doek over moest gebonden worden, eerst toon begreep ik het ge vaar, waarin ik verkeerde, en van dat oogenblik af was het my, alsof een onverbiddelijke vijand er op uit was, om mij eeu vreeselyk kwaad te doen. En die tyd was nu gekomen Met den eersten bloei van myn maunelyken leeftijd, met overigena alles te C. van pannen over het dorp, gelukkig zonder onge lukken te veroorzaken. Voor het gerechtshof werd gisteren be handeld de vordering van den indertijd ge schorsten gemeente-ontvanger van Ouderkerk a/d IJ., tot terugbetaling van bij hetn in be slag genomen gelden. De ontvanger was borg gebleven voor iemand en toen hij zyne ver plichtingen dienaangaande niet nakwam, werd in zijne woning beslag gelegd op een schrijf bureau, waarin goederen van huishoudelijken aard en ook eene portefeuille met bankbiljetten benevens eenig zilvergeld lagen. Bewetende dat die gelden hem niet toebehoorden, maar by die in zyne hoedanigheid van ontvanger onder zich had, stelde hij eene vordering in tot terugbetaling, en de rechtbank te Rotter dam stelde hem in zoover in 'tgelyk, dat hij tot bet leveren van bewijs werd toegelaten. De tegenpartjj kwam echter van die uitspraak in hooger beroep, en namens haar betoogde mr. C. J. Francois nu, dat de bewuste gelden den ontvanger niet in die hoedanigheid kon den toebehooren, omdat hij in zyn ambt ge schorst was. En waren zij, zooals de rechtbank aannam, wèl in zyne qualiteit onder zyne berusting, dan had de actie niet door den ontvanger, maar door den burgemeester moeten zyn gedaan. Mr. P. F. L. Verschoor, voor den ontvan ger optredende, bestreed deze meening, o. a. op grond dat de gemeente, die door borgen gedekt was, er geen voldoend belang bij had om in deze als eischeres op te treden. Conclusie O. M. 11 Februari. In bet Westland is _.ri_ bestaande uit de heeren J. M. Hoek, te Poel dijk, G. A. van Leeuwen, te Loosduinen, P. Ryn, te ’e-Gravenzaude, A. Hofstede, te Naaldwyk, eq A Hogenboom, te Honselers- om pogingen invoerrechten op land- Staten-üöneraal. 2e. Kammb. Zitting van Woensdag 23 Januari 1895. Algemeen debat werd gevoerd over de ont werpen tot voorziening in de regeling en bestuur van de gemeente-buishoudingen van Opsterland en Weststellingwerf. De heer Goeman Borgesius treedt in geschiedkundige beschouwing om aan te toonen dat art. 144 der Grondwet zoo is geredi geerd, omdat de geheele Kamer wilde, dat de eindbeslissing over het bestaan van grove ver- waarloozing zou zyn by de Kamers dat niet de Regeeriog moet beslissen over bestaan van grove verwaarloozing, en dat bij de behande ling niet gedacht is aan gevallen als de on derhavige. Heelt de regeering art. 144 terecht toege past op deze gemeenten Neen. Grove ver waarloozing is niet af te leiden alleen uit het feit, dat er geen begrooting bestaat. Dan zou den ook de Staten-Generaal zich aan grove verwaarloozing schuldig maken. De weigering om de begrooting vast te stellen naar den wensch van Ged. Staten berust op goede gron den, de armenzorg kan niet langer gesteld, en de hoofdelyke omslag niet hooger, en de b'iishoudelyke kosten zyn allerminst opge dreven. Daarom moet spr. de aanneming der ont werpen vooralsnog ontraden. By verwerping zyn andere middelen om de begroetingen te doeo sluiten zeer goed mogeiyk. By aanne ming zullen ook groote moeilijkheden ontstaan: by de vermeerdering >an oninbare poe ten, ver meerdering van conflicten. Waar de Kamer beslist in hoogste instantie staat de minister er buiten. De heer Pyttersen verdedigt de betrokken gemeenten legen de beschuldiging van plicht verzuim. Integendeel zjj kunnen den toestand der gemeenten beter beoordeelen dan de Ge deputeerden en den Minister. De heer Van Houten streed vroeger voor de autonomie der gemeenten en thans maakt hij een vefkeerd gebruik van eene grondwettelyke bepaling, ten einde het zelfbestuur te dooden. Met cyfers trachte hij aan te toonen, dat de gemeente besturen niet anders konden handelen dan zy deden. Dr. Kuyper, wiens longed blykens zyn heldere stem weer geheel in orde zyn, bestreed de voordracht omdat hier uit gram atisch en andere oogpunten van geen "grove verwaar loozing* sprake kan zyn. De beeren ïE. Mackay en De Beaufort achtten daarentegen de aanneming der voor dracht door het staatsbelang gebiedend geëischt. De kern van dit vraagstuk, zeide de beer De Beaufort, is riet dat Gedeputeerde Staten een boog ren hoofddijken omslag wil'en dan De onderwijzer H. van Hunnik aan school A te Reenwyk, is als zoodanig benoemd aan een der openbare scholen aldaar. Zaterdagmorgen zou de knecht van den stalhouder M. te Haastrecht een kar met mest naar het land brengen. Dicht bij den Agter- poortschen molen viel hy van den wagen en kreeg de zwaar beladen kar over zyn borst. Het paard ging met den last door naar het land en bekommerde zich niet om den voer man, die met zeer veel moeite naar huis terug ging. De onmiddellyk geroepen geneeskundige moest constateeren dat een drietal ribben ge broken waren. Hoewel de patiënt veel pyo lydt, is de toestand bevredigend. Met een geweldigen slag zyn laatst enkele reuzen in de kom van het dorp Stolwyk ge vallen, en ten gevolge daarvan is jammer genoeg die gemeente er niet op verfraaid. By den wagenmaker C. v. D., daar, waar zich de weg van Gouda naar Berg-Ambacht wendt, stond een viertal kolossale, prachtige boomen, sieraden van het dorp. Deze hebben voorgoed afscheid genomen. Het vellen ging bij een paar er Tan met groote moeielykheden gepaard en die twee, alsof ze verbolgen waren over hunne onttroning, sleepten in hun val van nabystaande huizen hier een aantal pannen, daar een brok muur mede. Toen no. 3 zyn trotschen nek ter aarde boog, vlogen de dak- Men meldt uit Den Haag Volgens gerucht zou heden by het departe- meut van marine uit West-Indië een telegram zyn ontvangen, meldende dat op het Nederl. marineschip Alkmaar*, thans liggende ter reede Curasao, de gele koorts is uitgebroken. Twee manschappen der equipage van dien bo dem zouden reeds aan deze ziekte zyn over leden. f Naar de »Tw. Ct.verneemt, heeft de in structie in zake de handelingen door den bur- gemeest r vau Weerseloo gepleegd aanleiding gegeven dat het bevel tot voorloopige gevan genneming is vernieuwd. De zaak komt dus eerlang in openba>e behandeling. Omtrent deze zaak meldt het >N. v. d. D-: Gedeputeerde Staten van Overijsel hadden toe stemming gegeven tot het aangaan van eene leening tot een bedrag van t 1516, waarop in Januari van het vorige jaar bij de spaar bank der Maatschappij tot Nut van 't Alge meen te Almeloo die leening werd gesloten. Van bedoelde machtiging schjjnt de burge meester gebruik gemaakt te hebben tot het aangaan van eeue tweede leening tot hetzelfde bedrag bij de firma Buisman Gratama Co., te Zwolle. In de kantoren van den heer Auerhaan, han delaar in zadelmakers- en bebangersfournituren en andere zaken, gevestigd aan den Achter burgwal te Amsterdam, ontstond gist ravond door een ongeval met het gaslicht brand. Het vuur tastte weld-a alle verdiepingen van het huis aan, zoodat de bewoners zich door de vlucht moesten redden. De kinderen van den heer Draayer, den be woner van hut bovenhuis, werden door buren gered en in veiligheid gebracht. Ondanks de spoedige hulp der brandweer brandde het perceel voor een groot gedeelte uit. De inboedels der beide bewoners waren ver zekerd. i H co m bq Ot 8

Streekarchief Midden-Holland Kranten

Goudsche Courant | 1895 | | pagina 1