NIEUWS. EN ADVERTENTIEBLAD VOOR GOUDA EN OMSTREKEN BERGAMBACHT, BERKENWOUDE. BODEGRAVEN, BOSKOOP, GOUDERAK, HAASTRECHT, MOORDRECHT, MOERCAPELLE, NIEUWERKERK, OUDERKERK, OUDEWATER, REEUWUK, SCHOONHOVEN, STOLWIJK, WADDINXVEEN, ZEVENHUIZEN, em. anten I9'|. h 16798 67*Jaargang (Zaterdag 23 Juni 1928 Dit blad verschijnt dagelijks behalve op Zon- en Feestdagen EERSTE BLAD. kbank EEUILLETON. Nieuwe Abonné’s geit met op ide □een UtO tol mis I Marie Antoinette. 6 1 4 S Nooit uitgeleerd. - ter ook, met vrucht doorloopen,, men kan aan het einde daarvan een schitterend einu- diplonia behalen... in de school des levens, waarin men de ware wijsheid leert, ds men nooit gereed en zelfs de dood reikt hier geen einddiploma’s uit, wanneer %e het zoo eens zeggen mogen, want zelfs de oude van dagen, die het leven heeft gezien en ervaffen aan alleh kant en dit deed op de meest voortreffelijke wyze, schiet ten slotte te kort, omdat men hier, zelfs de beste leer ling, nooit uitgeleerd is. Dit nummer bestaat uit twee bladen «AÖENAAR. rIOORWEG. kon maar (Wordt vervolgd) atum r 55724» die zich met ingang van 1 JULI voor minstens 3 maanden op de GCHJD- bUHE CUUKANi abonneeren, ont vangen de tot dien datum verschij- nande nummers GRATIS. mejHydt^ fiocm miNT. ‘re gevallen. reneesmidde- b vragen aan n de Medicü- Dte Markt 7, )0- raait' uur, terwyJ nl bezoeker wend eastern, die zegt 'en die mevröuw w was naar <len tandarts en juffrouw Mulder kou de zaak rroeg of mevrouw bijvoorbeeld om half twee thuis zou zrijm Ja, :ng de boodschap netje* wfe t cenige verkoop-organi^Lties. zeitf den overlapt daarviyi on ben, doet het ons bii’"’* dat men er tegen tel Het gebeurde onlial de werkvrouw niet dat. zij zoÜ komen. Z ders. Geiyoonnyk kon eik -k^k- yw ‘Jap <&g. teb tot Hoek van Holland één breede woonwijk langs de zee gelegen zyin en oi men <iuM al jammert het helpt niets. Hoe meer wijd"®11* bebouwing ho© eerder het terrein vol is. En als dat alles afgeioopen is gaan wij de wei landen bebouwen en worden de koeien ver dreven. Dien kant gaat het trouwens ook al een aardig gangetje. Al» je van Delft per trein den Haag nadert zie je even voor,by Kyswyk al de huizenblokken van den Haag angstig dicht by den spoorweg komen. Het zal zoo lang niet meer duren of de groene velden zijn hier verdwenen. AJ« eenmaal de groote verkeersweg den Haag—^Rotterdam is aangelegd zal spoedig de zvg. lintbebouwing langs dien weg een aanvang nemen zoodat ook hier de open terreinen zeer snel zulten verdwijnen. Wij zijn op dien aanwas <ler groote steden heelemaal niet zoo gebrand maar velen ple gen daar een belangrijk verschijnsel In te zien. Zy moeten dus niet aanstonds jamme ren over de duinterreinen die verdwijnen. Men kan niet uitgeven en overhouden tege lijk. Een beetje compresser bouw vooral voor de goeilkoopere huizen zou heusch niet zoo kwaad zijn en men kon hier en daar wel wat spaarzamer zijn met plantsoenen en plei nen. Het gaat hier te veel van ten grooten boom. later staan in den vollen strijd des levens, dan trekken we de goede gevolgen uit die jeugdervaringen. Ze ajjn ondengedoken in ons bewustzijn, maar zie zyn niét verloren gegaan, ze komen weer aan de oppervlakte en dankbaar gebruiken we wat we leerden, zonder het te beseffen ,iii lang vervlogen dagen. Daarom kunnen we gerust zeggen, dat we in tie school des levens nooit uitgestudeerd zijn. Dagelijks leeren wfe meen-, dagelijks groeit onfze* ervaring. En wie goed rondzag in zyn leven en zijn vele ervaringen weet te schikken en schiften, die zal zelfs, ja juist, wanneer de levenszon ten ondergang zich neigt, erkennen: dat een mensoh ook in tlezen nooit te oud is om te leeren. zij de kleedóngstukken welke het meeat ge dragen worden, omdat het uitlblyven van heete zomers hen tot eene onontbeerlijke dracht gemaakt heeft. Ofschoon men het niet zeggen zou, rekent Parijs daarop met zijne modelleneoliectie. Het brengt er voort durend iets anders, iets nieuws in en het geeft allerlei suggesties, welke voortduren de variatie mogedijk maken. Een wandelcostuum kan zoowel uit een enkele mantel alg uit een enkele japon of een mantelpakje bestaan. Maar altyd zyn het zekere stoffen en zekere modellen, die er hij voorkeur voor genomen worden. Voor de lange promenade-mantel is de geruite stof zeer nneuw, zoowel de rechte als de schuine ruit worden ervoor genomen. In deze mantels teekent zich de verandering af die het silhouet sedert het voorjaar ondergaan van ietwat klokkend geknipte panden of strooken. Bij de achuin-geruite wandeljas komt eene klokkig opgezette w plooi verbazend goed tot haar recht, maar de rechte jas houdt van ingelegde plooien, die bij het loopen aardig uitwippen en weer samenvallen. De wandel japon als „kloed-alleen” is wel zeer in zwang, doch komt hier te lande nooit zoo byster in aanmerking, omdat, zelfs als het weer het toelaat, een bijzondere smaak MODEPRAATJE. -SE- Wandelcostumes. By de koele dagen van een grilligen zomer, in een koel klimaat als het onze, is niet met my af doen’. Ze bijvoorbeeld om half t.;:_ dat zou wel. Ik breng de boodschap netje* aan mijn vrouw over die aanstonds veron derstelde dat het wel een mededeeling var Me werkster was die niet was komen opda- Jen. Half twee conivenieewle haar heel ^slecht omdat zy beloofd had dadelijk na de koffie uit te gaan, maar zij izou dan we; luu jjpven wachten omdat zij toch wilde weten iV wanneer de werkster nu wel kwaWt Gehoed en gemaniteld wachtte zij om half twee en inderdaad tien minuten later kwam mejuf frouw Mkrlder aan de telefoon. Het bleek niet anders te zyn dan de telefoniste van één der stofzuiger-vericoophuizen die met het gewone praatje kwam of ze een demon stratie mochten houden mei een nieuw toe stel. Is het niet om helach te worden? Het bedrog want bedrog is het is waarlijk heel grobt enbnutaal. Men begrijpt wel al Niet tel/reden zijn met zichzelj, dat is het beste en het ergste tevens. ABONNEMENTSPRIJS: per kwartaal 2.25, per week lï cent, met Zondagsblad per kwartaal 2^*0, per week 22 cent, overal waar de merging per looper geschiedt. Franco per poet per kwartaal 8.15, met Zondagsblad .i.bO. Abonnementen worden dagelijks aangenejnen aan ons Bui eau: MARKT 81, GOUDA, bij onze agenten en loopers, den boeknandel en de postkantoren. Onze bureaux zijn dagelijks geopend van 9—6 uur. Administratie Telef. Interc. 82; Redactie Telef. 83. Postrekening 48400. ihuisx walm1. Haar tienen, werden -ius haastig gedroogd) en zij ging voor het avondeten zorgen wanij, zij hadden geen dien&tfoode. Alleen de» ochtends kwam grijsaard' uit die stad me» de vooraf bestelde etenswaren eni ver dere liuiislhoudtelijke bmoodigd treden, vdrridiilte dan het grove wctk en ver trok nog voqr dten midkiiag. Koningin en martelares. leekzucht Maag of zwaarten in itslag, roode enz. op elke Rheumatiek, er, ïeverstee- ziekten van hui wordt overvallen’, diacht zij be zorgd. „Hij heeft niet op slecht weer gerekend en zeken nog zijn zomer- kieereai aan Die leelijke hoest er door terugkeerem.’’ Z j wierp haastig een mantel om, trok die kap daarvan over het hoofd en snekte naar <te laan, om uit te kij ken ot zij iiem* niet aan zag komen Het was echter niet de man met het schUderachtige kunstenaarshoofd, die zij zag naderen doch dlrie heeren in jiaicihtiiostuum. I e regen, die thans ne- dierstroonide. joeg hen in het gelaat, zonder ontzag voor hun fluweel en goudt|>rduiursete en kanten lubben. Zij zagen er zoo armzalig uit aldus, dat Yvonne moeite hadi om niet ün lachen uit te barsten. Neen, dan we ren <le kleeren van haar vader toch nog beter tegen noodweer berekend. Ook het drietal- had haar in 't oog gekregen. Zij wisselden «enige woor den en daarop -maakte da jongste hun ner een diepe buiging. di;e heel ko tnipdi schelen onder zü>ket oms|andag- hrtMien. en snelde vooruit, naar haar toe. Bij haar gekomen, nam hïj dea hoed af, met zooveel gratie, dait deze nage noeg «ver den bodem streek, ert vroeg ,.Neen, maar als het jachtseizoen daar is, zullen zij wederkeeren. Weeg öp je hoede, Yvonne. Gij zijt mooi en je vader moet je wel eens alleen la ten om zijn doeken naar de stad te brengen of sehalderbeiioiodigdhedcn te koopen. Herinner je altijd, dhr je mijn levenj, mijn toekomst zijt, dat wij zoo gelukkig samen zullen worden en 4at anderen wel mooier woorden kunnen vinden dan ik, maar liet niet goed' met je zouden meenen.” Jiel jonge melsjd telde zijn vrees zoo licht, dat zij, wat haar vrtj. wat l ever was. over den dag begon te spreken, waarop hij tot haar terug zo keeren Gn ahdterniaail fluisterden,, 7fi.i onhoorbaar vopr and|eneni. van het beloofde land der Toekomst. Een half uur later poogde zij nog hen» in die (hiistemjs nai te staren. Zij weende nu zacht, want het viel haar onbeschrijielijk haWI voor zoo lang af stand van hesn te moeteth doen maar rij was dapper en wijde gden roode oogen wxMien als baar vader straks Het zevende Leerjaar komt terug. Natuur lijk is ook tegen die weder-invoering het noodige protest gehooid, maar over het al gemeen kan men wel aannemen, dat hex grootste deel van het Nederlandsche volk, dat in dezen tot oordeeten in staat i», de weder-invoering van het bewuste leerjaar loegejuicht. Onder de motieven, welke 0aaavoor plei ten behoort ook de overweging dat voor de tegenwoordige jeugd een sdhooltyd van hoogstens zes jaren niet voldoende is; <lat oin de beginselen der hoogtstnoodige kennis op te do^n de tyd van zeg jaren onvoldoen de en die van zeven jaar amper voldoener is. Daaruit volgt dan ook, dat die kennis feitelyk nog niet voldoende is om voor het geheeie leven te gelden; <iat dus die kennis beschouwd moet worden alg een fundament, Waai-op verder moet worden voorbgebouiwd. hen kind, dat dus zeven teèrjaren f den rug heeft en de lagere school met vyuchj JaJïulwlw p«w Verder oyderwys blyft gewenscht- Maar, wanneer we deze laatste woorden neerschryven, ryst onwillekeurig de vraag: wanneer is een menschenkind uitgeleerd Moeit het antwoord op die vraag niet luiden: nooit? Neen, een menach is nooit te oud om te leeren, zeiggen we en in die uitspraak schuilt een groote waaitheiid en wyeheud. Werd niet reeds door een wijsgeer van den ouden dag diè mensoh Wijs geheeten, die wist, dat hy niets wist; die er dus van overtuigd was, dat hy steeds door moest gaan met waarnemen en opmerken, met denken en lieren. Dat geldt van ieder me^nsch, apowej wat de intellectueele^ten* nig ate wat de. levenswijsheid betreft. Maar hoevelen gaan door het leven heen met een minimale dosis initellectueele kennis en ver zuimen de gelegenheden om meerdere ken nis te vergaren, mede, omdat ze deze gele genheden niet zoeken. Wie echter verder ziet, die weet, dat deze menschen juist in onzen tijd achteraan komen, waar het er op aan komt om een betere positie in de maat schappij in te nement Niemand behoeft hen te beklagen, ze moeten aichzelf beklagen, want niemand en niets heeft aan dit tekort schuld dan zyzelf. 4 Sylvain was in de leaite vertrokken Nu was het herfst. Het gamhche woud klEoeg een goudglans de geie etn. roo de bladeren verspreiddibn veel zoeter •eur dan in den zomer ,iYvonne had, van haar vader geleerd *de schoon .heid van dit jaargetijde te waarde ren. Haar blik zweefde vol liefde tot de liooge kruinen op. Voor haar had luet najaar nog geen weemoed verkre gen, zooals voor degenen, die er hun eigen levensbeeld in zien-, en heel ftaar hart jubelde. Irnmielrs den vorigen dag had. zij een brief van Syflvain ont vangen, die haar .^ide, dat zijn stu diën sneller vorderden dan Ivij had Verwacht en dat hij thans hoopte h«ar reeds over een jaar zijn vreftuwtje te kunnen noemen. Niet tevergeefs had hij reed» als knalap zoo hardnekkig doorgeiwerkt. ..Ktoid zeide dien morgen aan het ontbijt de vader, ,.het weer is zoo goed, dat ik er gebruik van maken zal om nog eens naar de stad te gaan voor den (winter. Ik stelde het reeds» veel te lang uit. Gij weet hoeveel bet mij kost iiiiiij ooik maar voor één dag aam mijn woning te ontrukken; dai is zeker de ouderdom, want vroeger moest ik wei eens maanden a<uhlereen van huis zi^n, voor dlei een of andere opdrachtmaar vandaag moet het toch endelijk geschieden. Ik heb drie stuk ken gereed en, als ik zo door Pierré liet bezorgen, zou Mallieji er georuiK van maken om mij nog nueer le besta len dun hij al doet. Men moei het ge weien van een kunstkooper betritten om arme schilders mt te zuigen, als Innen zelf al een huis te Parijs en eeti prachtig landgoed' te Vleudon heelt. Wijt gij mij vergeaeilen?” „Ik zou n'ets liever dben. vadertje” antwoordde Yvonne, teedier de armen om zijn hals slaande, „maar ik heb nog heel wat uit te voeren in huis en liet is ook beter, dat ik va)n uwe af wezigheid gebruik maak ohn1 het ate lier eens ter dege sdvoon te maken, of het wordt nog een spinnenpalete. Gij wit ook nooit gestoord worden door bezems en stofdoeken.” He kunstenaar glimijacJnte. drukte haar op het Iwrt toch vooral zorg te dragen alle voorwerpen weder op de oude plaats terug; te zetten Daarna ging hij nog het een of ander kiostbaar gereedschap voor haar al te ijverige vingertjes wegstuiten, en ein- Wetijk begaf hij zich op weg. Het was pas negen uur b j hoopte dus vroeg- tijdig weer tuuis te kunnen wezen. Hel jonge meisje verloor intusschem geien oogenblik. Zoodra zij hem om helsd had en do groote ^pan in zag slaan, aan den hoek waarvan Etienne \louron er in geslaiagd was een reeipije :$rond te, bemachjjgen. omi er zijn haard slede op te slaan, spoed e zij zich naar zijn werkplaats. Zij0, wist, dat haar vader geen oogenblik langer dan noodzakelijk weg zou blijven en allies moest schoon zijn als hij zich weer vertoonde, wat géén kleinigheid be duidde, want niets w«s zoo plakkerig en vol stof als olieverfdoozen en pa letten. En dan al die Oostersche stof ‘ten, diie zij uit moest kloppen, dat ganmche harnas, dat behoorde te wor den gepoetst. Zij moest woekeren met de nriimiten. Tot twaalf uur was zij er mede be zig toen blonk alles alsof het fon kelnieuw was en, tevreden over haar werk oog zij awi haar overigen ar beid. Ook hiermede kwam zij'gereed en zij had juist haar wertopakje verwik seld voor betere kleeren, toen een luide dorNjlwiïlag haar verbaasd' op deed kijken-. Zoo druk luid zij het ge bald. dat zij niet eens bespeurd haa ho dreig<?nd de wofken waren, die zich van lieverlede boven het woud hadlden saajngepakt. Fr brak een he- Yig onweder los. Och. als vader maar niet, door de dat als men zegt mevrouw te willen spreken over een stoliauiger dat meneer ten hoorn ophangt al <tati met i»a een harug woord gezegd te hebben. Men leidt dus meneer alvast om den tuin door een willekeurigen caani te noemen en op dje manier althans mevrouw aan de telefoon te kryigen. Het geval van de werkster kwam hier nu toeval lig tussejien en maakte dat met eenige Be langstelling op mej. Mulder werd gewacht. De Huisvrouwen-vereenigrnig heeft zich nu met nadruk tegen dit reclame-systeem verzet en ze wekt haar leden op om tegen- reclame te maken tegen de verkooporgani saties die <tit systeem toepassein. Het is dus te hopen 'dat het nu qpoedig uit is. De telefoon is op vele tyden al geen prettig instrument omdat men veel te tgemakkelyk maar opiroept zelfs op uren waarop men het niet wagen zou om aan te sdhelleni, maar als op deze wijze de telefoon misbruikt wordt zakt het instrument in de sympathie van de bezitters. Overigens: hoe verzint iemand zoo’n systeem waarvan hij kan begrijpen dat het voordeel niet kan opwegen tegen de onaan gename uitwerking die het anderzijds zon der twyfel moet hebben. Tegen het uitbtreudrngsplan in te duinen naar Wassenaar wordt nogal oppositie ge voerd. Natuurlijk op de gewone aestheti- sehe gronden. Het is altyd eenigszins humo ristisch een dergelyke actie te zien voeren wanneer men bedenkt dat haast niemand naar dit natuurschoon placht om te zien en een groot gedeelte ervan zelfs voor het pu bliek was afgesloten. Eveneens is het niet onvermakelijk te hooreri betoogen dat als -r --- het tenreia tabouwh. .Ut u, u«lar «e- M srtulfliOlut hr wolMa be val bebouwing nwd z-ijn, <L w. r. in >1»' wandeleostamee. fe-U-luk run die knusse vrlla-park-trant waarvan we al versoheidene specimina hebben. Men ver geet dat dit de methode ie om het spoedigst tot nog grrooter uitbreiding te moeten ko men. De gansche bouw van den Haag is juist zoo heel ruim, dat altijd maar weer nieuw terrein in beslag genomen moet wor den. Het totale oppervlak van de residentie dat dient voor woningen met plantsoenen en lanen is even groot als dat van Paryis en dat is alleen het gevolg van de lage huizen en den ruimen bouw. Het is natuurlijk heel mooi en prettig v<^>r de bewoners maar liet gevolg is dat (tal van duinterreinen en an dere llefelyke \oorden moesten verdwiynen om plaats te maken voor ryen huizen. Wan neer men dus betoogt dat open bouw g - wenscht js dan dinyft men naar steeds meer vernieling van natuurschoon'. Wy betreuren het ook dat dergelijke mooie plekken verdwynen, maar wij zien het onvermydelyke ervan bij de gestadige uitbreiding van de bevolking. Nergens in Europa is qp zoo’n klein oppervlak zoo’n ma-ssa menschen opgehoopt als in het westen van Zuid-Holland. Alleen in de Roerstreek in het mijnbedrijf is het iets voller. Wanneer de aanwas nog tien jaar blyft voortgaan als de laatste tien jaar het geval is in deze streek, zal van Haarlem BRIEVEN UIT DE HOFSTAD. gmxM. v«y heboen al eens einder er op gewezen (iac ue nutsvrouwenrvetièémgjng goed weiK kan uoen en uat ook‘op gezette tyden doet, net doet ons -genoegen^uat wy weer eens op een hare-r goede welken kunnen wyzen. Zy neeit zich verzet oen nieuw en iimdenyk systeem viantteciamemakeii ;lat in de laatste tyden wks toegepast door u Aangezien wy ondervonden heb- jfer aangenaam aan, jfcle trekt. dat te mynen huize ftacheen op ten dag Hets is niets bizon- Kr dan in den loop _n,,„Jpch tericht.dat ze ziek is of plotseling op famiyebezoek is of een ander verhaal, waarvan /niemand een woonl behoeft te gelooven. ’s Morgens even vóór tw ik in gesprek was met eei ik opgeheld door een dam mejuffrouw Mulder te zyn/ te spreken vraagt. Mevrou* ADVBBTKNTIEPIUJSs Uit G-rad. onutralua (bdiwnud. Wt <te b«orttaiii<) 1—6 rani, t UIU, tik. repj mw OJb. Vm OuIUd Good, «n d» buoixkrüw: 1—4 hk^> 1 14», dke rapd mmr j 1>M>. Adnruatidn la bat Zatardagaomaw Uulag oo den pr^a. UeldadlsbeldasMWuuntlta do MA .aa dan pnja. IhUEZÜNUKK MfDBUKKLlNGKN: 1—t ra(aU SM, eU» ngei mMr f (4*. O, de voorpagina 50 booger. Gewone advertentiën en ingezonden mededeeiingen bQ contract tot zeer gereduceerden prys. Groote letters en randen worden berekend naar pUataroimte. Advertentiën kunnen worden ingezonden door tZMMbenkoflMt van ooliede Boekhande laren, Advertentiebureau! en onze agenten en moeten daags vóór de pUataing aan bel Bureau zyn ingekomen, teneinde van opname verzekerd te zfln. Jitf is echter nog een breeder terrein dan dat tier intellectueuie ontwikkeling, hoe groot dit laatste ook moge wezen, dat ós hex groote gebied der levenswijisheid. Deze is niet te leeren urt geleerde boeken; i* gt-'ei vnucht van studie, waaraan He. naeiixrusi opgeotlferd werd; dit 'is vrucht van opmer ken, oonleelen, vergelijken en bovenal van kauwigezet schiften der levenservaringen. Wie is daarin ooit uitgeleerd?. Wie durft zeggen, dat hy deze wysheid in optima forma bezit? ze zooveel motgelyk be zit, zal de eerste^wezen om te eikemen, dat er nog veel meeir js wat hy niét, <la<i wat hy wél weet, .immers die ware wysheid maakt besdheideif Onbescheiden „wijzen dje bij alile/mogelijke gelegenheden hun wijsheid! culmineert in het boven aangc- haalde woord van naar we meenen Socrates: de ware wyze is^iy, die weet, dut hij niets weet. Dit te zeggen is geen vailsche bescheidenheid, geen nederige hoogmoed, neen, het is de oprechte erkenning, dat hier een gebied betreden wordt, waarop me a nooit uitgeleerd raakt. Wat is wysheid Het is de kennis om in alle Omstandigheden rien juristen toestemn te onderkennen en in overeenstemming daarmede de juiste wegen te bewandelen en de doeltreffendste middelen te kiezen. Wie daarin ooit uitgeleerd? Er zijn maar wei nig leerlingen, welke van hun leermeesters niets meer leeren kunnen; op dit gebied acktpr echter yajlt zoo ontzaglijk veel te leeren, dat vrucht teh mènschenloind daarop nooit uitgeleerd Men zou Jcunnen opmerken, dat dit: noo-t uitgeleerd, tot wanhoop stemmen kan, ge- lyk het een leerling wanhopig maakt, wai.- neer hij pnerkt, dut hy niet vordert iDhrt^' tegenstaande de beste inspanning van all?- krachten. Toch ie niets minder waar daiL dat. Het komt maar aan op dé verhouding van wait men had kunnen leeren en wat men geleerd heeft. Natuurlijk moet dan menig een erkennen, dat hij schijnbaar niet veel bereikt heeft. Maar de resultaten van deze vorderingen kunnen niet dadelijk tot uit drukking komen. Vaak eerst langzamerhand wordt duidelyk wat we geleerd hébben. Ervaringen uit onze jeugd hy voorbeeld leg gen we naast ons neder, maar wanneer we

Kranten Streekarchief Midden-Holland

Goudsche Courant | 1928 | | pagina 1