SCHOONHOVENSCHE COURANT WEEKBLAD ZONDAG 29 OCTOBER, N°. 122. 1871. S. W. Ji. van XOOTEN te Schoonhoven, Eene stuk geslagen brug. VOOR DE KRIMPENER-, ALBLASSER- EN LOPIKERWAARD. j ju. 4 83 17 H y Uitgever*. Iers G. deelen voor ons vaderland kunnen i Massa’s landverhuizers, handenwaren uitvoerige studie der zaak 1 RlSfG r Her- jn met het op r kiezen tneente ivonds Z.Gel. dikant (2172) PRIJS DEZER COURANT Voor Schoonhoven per drie maanden ƒ0,60. Franco per post- 0,70. keeve it. - F. 3. .M. d. ran L. 7 meer naar plaatsruimte. Inzending franco. n her- s heeft ds van Kerk 12 en (2171) en de opening alzoo van eene nieuwe welvaart voor het geheele Nederland- I5J 7i 7j “C 95 35| r 4 8 if 7i g aaj u omdat de bloei en daardoor de i mede gemoeid 9 <W. 5A 5t’. i H 2* l een grooter bezwaar, er gevraagd? stoomvaart op te .richten? Geld uit de staatskas. Geld welke alle burger» samen vullen was geld, veel geld noodig. En gewoonlijk dergelijke ondernemin- PRIJS DER ADVERTENTIEN Vi|n 1 tot 5 regels0,50. Iedere regel meer- 0,10. Groote letters wasi de Lv<. eene uit ïs ricl*nw l]f t plau van den heer Jansen, voof zoover het betrof de oprichting van zulk eene brug over den Oceaan, werd van onderscheiden zijden levendig toegejuicht en Beifs begon de bestaande Koninklijke Nederlandsen Stoombootmaatschap pij, die vele vaarten naar de Oost- en Mid- dcllandsche- alsmede de Engelsche zeehavens onderhoudt, over de uitvoering te denken. Zij schreef eene leening uit, doch zonder gunstig gevolg. Het. scheen wel dat de particuliere Hierna bleef het denkbeeld rusten. Doch in Rotterdam wilde men de zaak alleen doen. Men wilde natuurlijk niet uit V lissingen, maar uit Rotterdam eene brug naar Amerika slaan, en alzoo de directe voordeelen aan Rotterdam ten goede doen komen. Anderen schudden hierover het hoofd. Zij hadden eerbied voor de energie der Rotterdam sche kooplieden, maar zij waren van oordeel i dat eene onderneming, gelijk men ze diuat voor bereidde, verre van voldoende zou zijn voor het beoogde doel. Het Rotterdamsche kapitaal was te gering, de schepen zouden een veel te klein kali ber hebben en veel te weinig in aantal wezen om eene stoompakketvaart in het leven te roepen, die met Hamburg en Breinen kon concurree- ren. De daar ontworpen onderneming zou goed zijn nm aan den reeds bestaanden han del van Rotterdam op Amerika betere vaartuigen te verschaffen en hem alzoo meerdere uitbreiding te geyen, maar eene brug over den Oceaan van Nederland naar de Nieuwe Wereld kon zij nooit worden. Evenwel de Rotterdamsche maatschappij kwam tol stand, doch geheel door particuliere krach ten, en dus niet op zoo grooten voet. In dien stand der zaken hebben vijf leden der Tweede Kamer, de heeren ’s Jacob, Tak, de Bruijn Kops, Stieltjes en KallF, het plan op gevat, om op het oude plan terug te komen. Zij waren door eene i tot de overtuigi’ g gekomen, dat zonder Rijks subsidie aan geene uitvoering tc denken viel pn hadden daarom een wetsontwerp voorgedragen, waarbij de Minister van Financiën werd ‘gemach tigd om gedurende tien jaren zes ton* goudr jaarlijks uit te keeren aan eene deugdelijke on derneming, welke eene stoompakketvaart van Vlissingen op New-York organiseeren zou. Dat subsidie zou die onderneming derhalve gedu rende de tien eerste jareu steunen en daarna zou zijwanneer de zaak gebleken nyas goed tc zijn, op eigen krachten verder gedreven wor den. De voorstellers verwachtten van dien maat regel eene herleving van den geheelen Nedcrland- schen handel bron van sche volk. Dat ontwerp is onlangs in de Tweede Kamer behandeld en na eene discussie van drie dagen verworpen. Die verwerping is eene der merk waardigste feiten geweest, welke er in den laat- sten tijd op het gebied van staatkunde en nij verheid hier tc lande zijn voorgevallen. Vanwaar die tegenstand, die verwerping? Het was tc voorzien dat uit Rotterdam krach tig tegen dat subsidie zou worden opgekomen. Natuurlijk^ De Rotterdamsche onderneming moest zich geheel door eigen krachten redden en nu wilde men ha->r een concurrent bezor gen d e uit de staatskas tegen ondergang zou zijn beveiligd. Haar dood was te voorzien! Dit werd echter aan Rotterdam niet toegege ven. De voorstanders van het wetsontwerp de den alle moeite om te bewijzen, dat de Rotter damsche onderneming een geheel ander karak ter had, dat hare schepen veel te klein hare beschikbare gelden te gering waren om te vol- gpld- en hamlehffifflïnerf Tie zink niet nandurfden. r<loen aan tie voor het geheele, land bestaande u»...n i.i„»r i.„» .ii.k....i,i behoefte, dat zij in haar kleineren kring naast die andere grootere zeer goed kon blijven be staan. Het was dan ook niet alleen de vraag, of de nieuwe onderneming aan Rotterdam een lastigen concurrent zou bezorgen, maar veel meer of de nieuwe onderneming, in het algemeen belang noodzakelijk en of daarvoor een staatssubsidie onontbeerlijk en geoorloofd was. Stond dit va«t, dan mocht men het betreuren dat (Ie Rotter- tiamsche kooplieden db concurrentie niet konden volhouden, maar dan mocht dit geen reden zijn om het algemeen belang aan de Rotterdamscho In eren op tc offeren. Doch er bestond Wat toch vyeril Vrijheid om een Neen Geld. uit die kas, door het bijeenbrengen hunner belastingen. En voor wie? Ja, dat was juist de vraag. Van de zijde der tegenstanders beweerde men, dat die gelden genomen zonden worden van allen ten behoeve van enkelen, van de aan- dtelhouders n. 1. der maatschappij, die de stoom vaart zou ondernemen, en dat het gevolg van het subsidie geen ander zoude Wezen dan dat vpor die heeren goede en vaste winsten waren verzekerd. Wilde men dit doen onder den sclio.men naam van den geheelen Nederland- sch.n handel op te beuren en de concurrentie met het buitenland mogelijk *e maken, dat was toch een ijdele naain, in den grond Werf het bescherming door den Staat van eenigen ten koste van allen. Maar de voorstellers waren op die beden king voorbereid. Dit was trouwens te verwach ten, waar een man als onze de Bruijn Kops, wiens handboek over de staathuishoudkunde ze ker velen uwer hebben gelezen of zullen lezen, onder de ontwerpers werd geteld. In dat hand boek had hij zich steeds een onverbiddelijk vijand getoond van alle beschermende Melsulf, Hoe dan nu? vroeg men. Ik ben er ztker van,-dat gij in den laatsten tijd dikwijls hebt gelezen of hebt hooren spre ken van *de brug over den Oceaan.” Het is nu ruim twee jaren geleden, dat on der dien indrukmakenden titel een boekje ver scheen van de hand van den heer Jansen, kapitein ter zee, een boekje dat een grooten wakkennakenden invloed gehad heeft, voorname lijk in de handelswereld. De schrijver dier brochure vestigde er de algemeene aandacht op, dat geen rechtstreeksche stoomvaart bestond van Nederland op Amerika. De Nederïandschfe handel, die van de stoomvaart gebruik wenschte’ te maken, en de passagiers, die met dut middel van vervoer uit ons vaderland naar de nieuwe we reld wilden gaan, moesten den weg nemen over Engelsche havens, en hoewel de handel zich ®ok van zeilschepen kcyi bedienen, zoo bleek het evenwel dagelijks meer en meer, dat een toenemend handelsverkeer bepaald stoomschepen noodig heeft. Alleen met stoomschepen, die op geregelde tijden op en afvaren, is een geregeld verkeer mogelijk. Daarbij merkte de heer Jansen op, dat, terwijl behalve in Engeland ook in Hamburg en Brenujn dergelijke geregelde stoom vaarten op Amerika bestaan, ons land voor die vaart zoo gunstig is gelegen, dat uit eene directe verbinding van eene onzer havens met eene gunstig gelegen haven in Amerika ontzet tende voordeelen ontstaan. Massa s laiiuvcmui^cin, <i»uuciswuien en briefen worden uit geheel Midden-Europa naar Amerika vervoerd en dezen nemen thans allen den weg over.de straks genoèmde Duit- sche steden. Wanneer nu ons spoorwegnet ge heel gereed is, dan bezitten wij daardoor eene aansluiting aan Duitschland, waarlangs een zeer gemakkelijk verkeer voor die personen en goe deren uit Midden-Europa mogrlijk is. Sluit nu dat spoorwegnet aan eene onzer best gelegen zee havens aan en is uit die haven eene geregelde stoomvaart op Amerika georganiseerddan is het hoogst waarschijnlijk, dat ten goed deel van dien stroom naar de nieuwe wereld over ons land zal gaan. Maar dan moet er wezen eene bijzonder goede haven en eene stoomvaart waardoor zeer geregeld, zeer dikwijls en .op flinke wijze een vervoer mogelijk is. Als ha ven meende de schrijver dat Vlissingen aan alle vereischten voldeed. Deze beste van alle Eu- ropeesche zeehavens, in den winter even goed toe gankelijk als in den zomer, mocht men niet ongebruikt latenen wanneer straks door de afdamming van het Sloe de spoorweg tot Vhs- singen doorliep, zou de schoonste weg naar Ame- rika open staan. Daarom moest er worden op gesteld, wat de heer Jansen noemde eene brug öv«r den Oceaan, d. w. z. moest er worden ge organiseerd eene geregelde stoompakketvaart van Vlissingen naar een der Amenkaansche havens, met zoo veel en zoo groote stoomschepen, dat zij de concurrentie met Bremen en Hamburg fiks kon doorstaan. Maar daartoe aangezien nu gen in den beginne verliezen lijden en eerst langzamerhand door toenemende vrachten win sten beginnen te iiehalenzoo meende de lieer Jan-en dat geen particuliere krachten zich aan eene dergelijke grootschfl en dure onderneming zouden durven wagen. Daarom, J---1- Ll- van den Nederlandschen handel bloei van gan<ch Nederland er s, moest volgens dien schrijver de Staal in beurs tasten, en, door in de eerst? jaren zulk, onderi emmg met een behoorlijk suti’itiie i Rijks schatkist te steunen, de eerste op ng mogelijk maken.

Streekarchief Midden-Holland Kranten

Schoonhovensche Courant | 1871 | | pagina 1